Sleutels voor personenvennootschapsrecht
Einde inhoudsopgave
Sleutels voor personenvennootschapsrecht (IVOR nr. 102) 2017/2.5.7.3:2.5.7.3 Trust vs. rechtspersoon
Sleutels voor personenvennootschapsrecht (IVOR nr. 102) 2017/2.5.7.3
2.5.7.3 Trust vs. rechtspersoon
Documentgegevens:
Chr.M. Stokkermans, datum 28-02-2017
- Datum
28-02-2017
- Auteur
Chr.M. Stokkermans
- JCDI
JCDI:ADS584577:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
In bepaalde gevallen wordt de pijn verzacht door het wettelijk pandrecht van art. 3:259 BW.
In deze zin ook: Roelofs 2011, p. 175.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Trust en maatschapsvermogen zijn vergelijkbaar met de rechtspersoon. De beperkte (doelgebonden) beschikkingsbevoegdheid van de trustee vertaalt zich bij de rechtspersoon in de statutaire doelomschrijving en het leerstuk van de doeloverschrijding.1 Anders dan de rechtspersoon is een trustee als zodanig geen zelfstandig rechtssubject. Het trustee-schap is een hoedanigheid van een bepaald rechtssubject. Uit dit identiteitsverschil tussen trustee en rechtspersoon vloeien belangrijke gevolgen voort. Ik noem er drie.
Ten eerste biedt de rechtspersoon, als zelfstandig rechtssubject, minder flexibiliteit bij toerekening van vermogensbestanddelen. Een goed dat de bestuurder van een rechtspersoon in eigen naam verkrijgt, behoort niet tot het vermogen van de rechtspersoon, ook niet als de verkrijging door de bestuurder onrechtmatig was tegenover de rechtspersoon en de overdracht aan de rechtspersoon had moeten plaatsvinden. Een equivalent van de hierboven genoemde constructive trust bestaat niet in het rechtspersonenrecht.
Ten tweede kan een rechtspersoon worden geconfronteerd met een schadeplicht wegens onrechtmatige daad die naar de bedoeling van de bij de rechtspersoon betrokken partijen niet behoort tot het vermogen dat aan de rechtspersoon is toevertrouwd. Dit is het geval wanneer een bewaarstichting aansprakelijk is voor een onrechtmatige daad, terwijl de schade gelet op de afspraken met de bewaargever niet voor rekening van de bewaargever behoort te komen. Schadeclaims kunnen in dat geval mede worden verhaald op de goederen waarop de stichting slechts ten titel van bewaring rechthebbende is.2 Bij de trust werkt het anders, omdat daar ruimte is voor de vraag of een bepaalde schuld van de trustee (als rechtssubject) qua inhoud (object) binnen of buiten het doelvermogen valt.3
Ten derde blijft bij personele wisselingen in het bestuur van een rechtspersoon het vermogen onveranderd aan de rechtspersoon toebehoren. Bij vervanging van een trustee zijn aparte rechtshandelingen (althans: rechtsfiguren) nodig om de trustgoederen te doen overgaan van de oude op de nieuwe trustee. Omdat de identiteit van het trustvermogen (als rechtsobject) behouden blijft, kunnen oude schulden die door de oude trustee als zodanig zijn gemaakt, ook na de overgang van de trustgoederen daarop verhaald blijven worden. Dit geldt ook voor zover die schulden op naam van de oude trustee blijven staan.