De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende juridische fusie
Einde inhoudsopgave
De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende juridische fusie (VDHI 119) 2013/6.2.6:6.2.6 De medezeggenschap in concernverband
De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende juridische fusie (VDHI 119) 2013/6.2.6
6.2.6 De medezeggenschap in concernverband
Documentgegevens:
mr. F.G. Laagland, datum 15-07-2013
- Datum
15-07-2013
- Auteur
mr. F.G. Laagland
- JCDI
JCDI:ADS389777:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Medezeggenschapsrecht
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij de toepassing van art. 16 Tiende Richtlijn is lastig dat Nederland voor de medezeggenschap een uitgewerkt concernrecht kent. Het Nederlandse recht kent met de structuurregeling een fijnmazig systeem van doortellingen en gehele of gedeeltelijke uitzonderingen (zie hoofdstuk 4.2.6). Bij de vrijstelling voor de internationale holding doen zich geen problemen voor. De holding is bij gebruikmaking van de vrijstelling niet aan enige vorm van medezeggenschap onderworpen en de eventueel bij de holding in dienst zijnde werknemers zijn van geen betekenis voor de medezeggenschap in een andere concernvennootschap. Complex is de uitzondering van de afhankelijke maatschappij. Twee situaties zijn te onderscheiden: (i) de relevantie van werknemers van afhankelijke maatschappijen ten opzichte van de moeder die als deelnemende vennootschap optreedt en (ii) de relevantie van de medezeggenschapsrechten van de werknemers van een afhankelijke maatschappij bij de moeder ten opzichte van de afhankelijke maatschappij die als deelnemende vennootschap optreedt. Bij het spreekrecht doen dezelfde twee situaties zich voor. Het medezeggenschapsbegrip in de Tiende Richtlijn noch de SE-Richtlijn houdt rekening met concernmedezeggenschap. Dit betekent nog niet dat het concernverband van geen betekenis is bij de toepassing van art. 16 Tiende Richtlijn.
6.2.6.1 De moedervennootschap treedt op als de deelnemende vennootschap6.2.6.2 De afhankelijke maatschappij treedt op als de deelnemende vennootschap