Einde inhoudsopgave
Open normen in het Europees consumentenrecht (R&P nr. CR4) 2011/9.6.3
9.6.3 De systematiek van de toetsing aan de subnorm `misleidende omissie'
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon, datum 31-08-2011
- Datum
31-08-2011
- Auteur
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon
- JCDI
JCDI:ADS492391:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Een aanwijzing hiervoor vormt dat de nuancering uit art. 7 lid 4 onder a richtlijn betreffende de mediumkeuze niet wordt herhaald in lid 1. In CA Parijs 26 november 2009 (Darty/UFC Que choisir) werd rechtstreeks verwezen naar art. 7 lid 4 onder a richtlijn, ten nadele van de consument: technische informatie m.b.t. een besturingssysteem viel hier niet onder.
Art. 7 lid 1 en 2 richtlijn vereisen echter expliciet dat, wanneer de in het artikel genoemde informatie ontbreekt (of onduidelijk is), een besluit zou (kunnen) worden genomen dat anders niet zou zijn genomen. Terwijl onder druk van de Commissie de Franse wet op vele punten is aangepast, is de van de richtlijntekst afwijkende systematiek niet gewijzigd.
Dit wordt betreurd door Cannarsa 2008, nr. 13-14, omdat het besluitcriterium juist de link met het wilsgebrek `réticence dolosive' vormt. De wetgever had er volgens hem, gelet op dit criterium en omwille van de coherentie, beter aan gedaan om net als aan de agressieve praktijk, ook aan de misleidende omissie de nietigheidssanctie te koppelen.
Een nadere concretisering van het besluitcriterium inclusief de referentieconsument ligt dan niet voor de hand.
Cass. Crim. 15 december 2009, nr. 09-83059, Bull. crim. 2009, nr. 212: 'les prévenus ont, en trompant les consommateurs sur les caractéristiques essentielles des prestations téléphoniques proposées et en ne leur permettant pas d'exercer Ia faculté de s 'informer et de se rétracter à l'occasion de la vente de prestations de services à distance, commis les délits prévus par les articles L. 121-1, L. 121-18 et L. 121-19 du code de la consummation.'
CA Parijs 26 november 2009 (Darty/UFC Que choisir): de prijs van een besturingssysteem vormt geen essentiële informatie omdat de consument slechts geïnteresseerd is in de prijs van de laptop inclusief de daarop geïnstalleerde programma's. Zie ook CA Parijs 14 mei 2009, nr. 09/03660, D 2009, p. 1475, bevestigd in Cass. Com. 13 juli 2010, nr. 09-15304 en 09-66970, Bull. civ. 2010 IV, nr. 127. De rechter maakt bij de toetsing van koppelverkooppraktijken rechtstreeks gebruik van de richtlijnbepalingen.
596. Tot slot rijst de vraag naar de systematiek van art. L.121-1-11 C.conso. Die vraag betreft ten eerste de onderlinge verhouding tussen de eerste alinea — de misleidende omissie — en de tweede alinea — de essentiële informatie bij een uitnodiging tot aankoop. Het is duidelijk dat de tweede alinea voortborduurt op de eerste en het lijkt er dus op, dat bij de vaststelling van de misleidende omissie in geval van een uitnodiging tot aankoop, de omstandigheden van het geval van belang zijn. Ook het nuancerende gezichtspunt betreffende de beperkingen van het medium zal dan een rol spelen bij de beoordeling van de `circonstances'.1
De vraag naar de systematiek van art. L.121-1-11 heeft ten tweede betrekking op de vraag of behalve aan het inhoudelijk criterium, ook aan het effectcriterium wordt getoetst. Net als in art. L. 121-1-1, ontbreekt ook in art. L. 121-1-11 het besluitcriterium.2 Het artikel zelf vergt dus niet dat de consument door de omissie een verkeerd besluit neemt of kan nemen.3 Wanneer 'essentiële informatie' echter, in lijn met art. 7 lid 1 richtlijn, als voor het maken van een geïnformeerd besluit noodzakelijke informatie wordt uitgelegd, zal er niettemin sprake zijn van een 'cumulatieve' toets, waarbij het effect in abstracto wordt vastgesteld.4 Om te kunnen spreken van een 'cumulatieve' toets dient het begrip `essentiële informatie' dus in het licht van het besluitcriterium te worden uitgelegd. De Franse wet bevat in tegenstelling tot de richtlijn geen nadere informatie over hoe dit begrip moet worden uitgelegd. Juist omdat het besluitcriterium ontbreekt, neemt de kans op een ruime uitleg van het begrip 'essentiële informatie' toe. De eerste uitspraken met betrekking tot de misleidingsnorm duiden er evenwel op, dat de Franse rechter het effectcriterium niet uit het oog verliest5 en dat het begrip essentiële informatie eng wordt uitgelegd, in het licht van de richtlijndefinitie van dit begrip en het besluitcriterium. 6