De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV
Einde inhoudsopgave
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/10.5.4:10.5.4 Organisaties van openbaar belang
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/10.5.4
10.5.4 Organisaties van openbaar belang
Documentgegevens:
mr. K. Spruitenburg, datum 01-08-2018
- Datum
01-08-2018
- Auteur
mr. K. Spruitenburg
- JCDI
JCDI:ADS375835:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Art. 2:393 lid 1 BW en art. 16, eerste lid Verordening (EU) nr. 537/2014. Daarbij moet ook worden gemeld door welk orgaan de accountant of accountantsorganisatie zal worden benoemd (de aandeelhoudersvergadering of een ander orgaan). Herbenoemingen moeten eveneens worden gemeld.
Art. 1 lid 1 onderdeel L, Wta.
Concept Besluit aanwijzing organisaties openbaar belang Wta, NvT, p. 5. Te raadplegen via www.internetconsultatie.nl/besluitorganisatiesvanopenbaarbelang.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De wetgever heeft ten aanzien van een aantal organisaties oog voor de belangrijke functie die zij innemen binnen het maatschappelijk verkeer. Op grond van art. 2 van de Wta kunnen categorieën van ondernemingen, instellingen of openbare lichamen worden aangewezen als organisaties van openbaar belang (OOB’s). OOB’s zijn organisaties die een zodanige omvang dan wel functie binnen het maatschappelijk verkeer vervullen dat zij grotere groepen van belanghebbenden raken. Een ondeugdelijk uitgevoerde wettelijke controle van de financiële verantwoording bij dergelijke organisaties kan een aanmerkelijke invloed hebben op het vertrouwen in de publieke functie van de accountantsverklaring.1 Daarom moeten OOB’s met ingang van 1 januari 2012 de AFM melden aan welke accountant of accountantsorganisatie zij beogen een opdracht te verlenen tot het controleren van de jaarrekening.2 OOB’s zijn alle beursgenoteerde ondernemingen, centrale kredietinstellingen en alle (ook niet-beursgenoteerde) banken en (her)verzekeraars.3 Momenteel ligt een concept wetsvoorstel ter consultatie waarin de wetgever meer partijen als OOB’s wil aanmerken.4 Bij netbeheerders, woningcorporaties (toegelaten instellingen), drie instellingen voor het wetenschapsbeleid (KNAW, NWO en de Koninklijke Bibliotheek) en grote pensioenfondsen wordt toegevoegde waarde gezien in het voorschrijven van een OOB-kwalificatie, gelet op het belang van de deugdelijke accountantscontrole voor een adequate invulling van het toezicht en het maatschappelijke belang van deze instellingen. In totaal zullen 15 grote pensioenfondsen, 260 toegelaten instellingen (woningcorporaties) met meer dan 1500 verhuureenheden, drie instellingen voor het wetenschapsbeleid en acht netbeheerders worden aangemerkt als OOB. Dit maakt dat in totaal 286 instellingen worden aangemerkt als OOB.5
De kwalificatie OOB is mijns inziens een belangrijke richtsnoer voor de toezichthoudende taak van het OM in het enquêterecht. Het maakt duidelijk dat het enquêterechtelijke toezicht van het OM zich in ieder geval dient te richten op voornoemde organisaties (mits deze een rechtspersoon is als bedoeld in art. 2:344 BW). Indien er aanwijzingen zijn dat bij een OOB sprake is van mogelijk wanbeleid, dan is aan het vereiste openbaar belang immers al snel voldaan. Het OM kan de aan hem toebedeelde taak in het enquêterecht op basis van de OOB-kwalificaties derhalve efficiënter en effectiever uitoefenen.