Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/7.6.1.3:7.6.1.3 Grenzen van het gebruiksrecht
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/7.6.1.3
7.6.1.3 Grenzen van het gebruiksrecht
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS481152:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit sluit ook aan bij het bepaalde in art. 3:37 (hinder) en 3:13 (misbruik van recht).
Art. 3:37 verbiedt een eigenaar van een erf het toebrengen van hinder op een wijze die onrechtmatig is. Als voorbeelden worden daar genoemd: het verspreiden van rumoer, trillingen, stank, rook of gassen, het onthouden van licht, lucht of het ontnemen van steun. In de parlementaire geschiedenis komt het volgende aan de orde: het veroorzaken van geraas en gedreun,1 het schilderen van een schutting met een onwelriekende kleurstof,2 wijzigen van de loop van een water of van het grond waterpeil,3 het uitoefenen van het bakkersbedrijf of een slagerij, timmerbedrijf.4 Het betreft hier steeds vormen van gebruik.