Beperkte rechten op eigen goederen
Einde inhoudsopgave
Beperkte rechten op eigen goederen (O&R nr. 132) 2022/10.7:10.7 Contractuele of statutaire bevoegdheden
Beperkte rechten op eigen goederen (O&R nr. 132) 2022/10.7
10.7 Contractuele of statutaire bevoegdheden
Documentgegevens:
mr. R.J. ter Rele, datum 01-10-2021
- Datum
01-10-2021
- Auteur
mr. R.J. ter Rele
- JCDI
JCDI:ADS491147:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht / Testamenten
Goederenrecht / Algemeen
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Goederenrecht (V)
Erfrecht / Gevolgen erfopvolging
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. art. 2:231 BW.
Parl. Gesch. BW Boek 5, p. 14; Asser/Bartels & Van Mierlo 3-IV 2021/33; Van Leuken, Van de Moosdijk & Tweehuysen, Hartkamps Compendium van het vermogensrecht 2017/24; Snijders & Rank-Berenschot, Goederenrecht (SBR 2) 2017/78; Struycken 2007, p. 14, 382-386, 448-450, 760-762.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
127. Aan de rechthebbende van een beperkt recht kunnen bepaalde bevoegdheden worden toegekend in een overeenkomst of in statuten van een rechtspersoon.
Twee voorbeelden. A heeft een pandrecht op een vordering die voortvloeit uit een overeenkomst tussen B en C. In de overeenkomst is, bij wijze van derdenbeding, bepaald dat A een bepaling in de overeenkomst in bepaalde gevallen mag wijzigen. B en C kunnen de bepaling slechts wijzigen met wederzijds goedvinden en met toestemming van A. B is schuldeiser van de verpande vordering. Hij verkrijgt vervolgens het pandrecht op de vordering. Gaat het pandrecht door vermenging teniet? B kan als pandhouder de bepaling in de overeenkomst eenzijdig wijzigen. In zijn hoedanigheid van contractspartij kan hij dat niet. Hij kan dus extra bevoegdheden ontlenen aan het beperkte recht.
Volgens de statuten van een BV is voor de wijziging van die statuten de medewerking vereist van alle pandhouders op aandelen in de vennootschap.1 A heeft 25% van de aandelen in de BV; B is gerechtigd tot 75% van de aandelen. C heeft een pandrecht op de aandelen van A. Vervolgens verkrijgt A de pandrechten op zijn aandelen. Gaan de pandrechten op zijn aandelen door vermenging teniet? A kan als minderheidsaandeelhouder een statutenwijziging niet tegenhouden. In zijn hoedanigheid van pandhouder kan hij dat wel, op grond van de statuten. A kan daarom extra bevoegdheden ontlenen aan de pandrechten.
De bevoegdheden die in deze gevallen kunnen worden ontleend aan het beperkte recht, komen toe aan de beperkt gerechtigde op grond van de overeenkomst of de statuten. De bevoegdheden behoren daarom niet tot de inhoud van het beperkte recht. Het dwingendrechtelijke karakter van het goederenrecht, verzet zich ertegen dat een overeenkomst of statuten de inhoud van een beperkt recht zouden kunnen uitbreiden. Behoudens de mogelijkheden die de wet kent om de inhoud van beperkte rechten vorm te geven.2 Dit betekent dat die contractuele of statutaire bevoegdheden niet hebben te gelden als een belang uit hoofde van een goederenrechtelijk recht (zie nr. 42). Het zijn belangen uit hoofde van een contractueel of statutair recht. Daarom kunnen die bevoegdheden niet meebrengen dat iemand een beperkt recht op zijn eigen zaak kan hebben. De wet voorziet niet in een uitzondering voor die gevallen. Evenmin zou het aannemen van een uitzondering, aansluiten bij het systeem van het recht (zie nr. 42).