Einde inhoudsopgave
De niet-uitvoerende bestuurder in een one tier board (VDHI nr. 168) 2020/I.3.4
I.3.4 Praktijkonderzoek
mr. N. Kreileman, datum 01-08-2020
- Datum
01-08-2020
- Auteur
mr. N. Kreileman
- JCDI
JCDI:ADS242936:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Onder de term ‘Nederlandse beursvennootschap’ versta ik in dit onderzoek een vennootschap met een statutaire zetel in Nederland wier aandelen zijn genoteerd of worden verhandeld aan de AEX, AMX of AScX. Voor een empirisch onderzoek naar de werking van het monistische bestuursmodel in de praktijk, verwijs ik naar Boschma e.a. 2018, p. 43-107.
De aandelen van deze vennootschappen waren op 1 januari 2020 opgenomen in de AEX-, AMX- of AScX-index. De statuten van Nederlandse one tier-beursvennootschappen die niet zijn opgenomen in de AEX-, AMX- of ASxC-index, heb ik niet bestudeerd. Het gaat om de volgende beursvennootschappen: Envipco Holding NV, Dutch Star Companies One NV, Esperite NV, Heineken Holding NV, IEX Group NV en New Sources Energy NV. Zo blijft het statutenonderzoek puur illustratief van aard.
RELX Plc heeft haar statutaire zetel in Londen en is een vennootschap naar Engels recht.
Ferrari NV heeft een primaire beursnotering in New York.
De term ‘beurs-NV’s in den vreemde’ ontleen ik aan Bootsma & Hijink, Ondernemingsrecht 2014/15. In navolging van Bootsma & Hijink doel ik met deze term op beurs-NV’s wier aandelen zijn toegelaten tot de handel op een buiten Nederland gelegen effectenbeurs.
Te denken valt aan buitenlandse Corporate Governance Codes. Zie hierover uitgebreid Bootsma & Hijink, Ondernemingsrecht 2014/15.
Dit boek bevat geen empirisch onderzoek, afgezien van een analyse van de statuten van Nederlandse beursvennootschappen met een monistisch bestuursmodel.1 Het statutenonderzoek betreft de volgende vijf vennootschappen: Altice Europe NV, Amsterdam Commodities NV, OCI NV, Prosus NV en Unilever NV.2 Een vennootschap als RELX Plc valt buiten het onderzoek, aangezien zij geen Nederlandse vennootschap is.3
Het praktijkonderzoek is beperkt tot Nederlandse beursvennootschappen met een monistisch bestuursmodel, omdat de statuten van deze vennootschappen voor eenieder raadpleegbaar zijn. Hetzelfde geldt uiteraard voor Nederlandse beursvennootschappen met een notering buiten Nederland. In noem bijvoorbeeld Ferrari NV.4 Toch heb ik deze ‘beurs-NV’s in den vreemde’ links laten liggen.5 De reden is dat de statuten van deze vennootschappen niet los kunnen worden gezien van de regelgeving waaraan zij onderworpen zijn. Dat is vaak niet alleen Nederlandse, maar ook buitenlandse regelgeving.6
Het praktijkonderzoek is afgesloten op 1 januari 2020. Wijzigingen die nadien zijn opgetreden, zijn zoveel mogelijk verwerkt.