Het juridische begrip van godsdienst
Einde inhoudsopgave
Het juridische begrip van godsdienst (SteR nr. 43) 2018/18.7.2:18.7.2 Binnen welk politiek-filosofisch kader kan het juridische begrip van godsdienst worden geplaatst?
Het juridische begrip van godsdienst (SteR nr. 43) 2018/18.7.2
18.7.2 Binnen welk politiek-filosofisch kader kan het juridische begrip van godsdienst worden geplaatst?
Documentgegevens:
mr. drs. A. Vleugel, datum 01-09-2018
- Datum
01-09-2018
- Auteur
mr. drs. A. Vleugel
- JCDI
JCDI:ADS450446:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De subjectiverende definitie van het begrip richting van de grondwetgever kan worden geassocieerd met het ideaaltype van het communautarisme. De term richting is open in zijn definiëring omdat elk godsdienstig of levensbeschouwelijk collectief de vrijheid moet hebben om op basis van zijn beginselen onderwijs te (doen) geven. Wat die beginselen zijn bepaalt het rechtssubject zelf. De betekenis van de term richting wordt derhalve bepaald door het rechtssubject, in de zin van een collectief.
De objectivering van het richtingsbegrip in de wetsgeschiedenis van en de jurisprudentie over de leerplicht, de subsidiëring van het leerlingenvervoer en de oprichting van bijzondere scholen kan geassocieerd worden met het ideaaltype van het liberaal gezindteliberalisme.
Men gaat uit van tolerantie enkel ten opzichte van de traditionele in Nederland gevestigde tradities en biedt maar beperkte ruimte voor afwijkende opvattingen. Alleen welbepaalde, fundamentele, voldoende onderscheidende en godsdiensten met een omvangrijke achterban kunnen binnen dit perspectief gelden als richting. Bovendien houdt dit perspectief geen rekening met de mogelijkheid dat een persoon een religieuze bekering of verandering in opvattingen doormaakt.