Einde inhoudsopgave
Het beheerplan voor Natura 2000-gebieden (SteR nr. 17) 2014/9.4.3
9.4.3 Regionale waterplannen
mr. drs. S.D.P. Kole, datum 31-01-2014
- Datum
31-01-2014
- Auteur
mr. drs. S.D.P. Kole
- JCDI
JCDI:ADS443721:1
- Vakgebied(en)
Natuurbeschermingsrecht / Algemeen
Natuurbeschermingsrecht / Gebiedsbescherming
Natuurbeschermingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
De provincie Utrecht heeft voor dit doel een speciaal deelplan vastgesteld. De provincie Gelderland heeft de doelstellingen van de Krw integraal verwerkt in het waterplan.
Provincie Utrecht 2009, p. 29 en 40.
Provincie Zeeland 2009, p. 45.
Zie Provincie Utrecht 2009, p. 30. In de niet ‘sense-of-urgency’-gebieden Noorderpark, Hel & Blauwe Hel (Nieuwkoopse Plassen) en Groot Zandbrink zijn ook maatregelen met betrekking tot het waterbeheer noodzakelijk.
Zie bijvoorbeeld Provincie Zeeland 2009, p. 49 en Provincie Gelderland 2009, p. 120.
Op basis van de Ww zijn Provinciale Staten verplicht om de hoofdlijnen van het provinciale waterbeleid vast te leggen in één of meer regionale waterplannen. Tot op heden is per provincie één waterplan vastgesteld. Alle provinciale plannen besteden aandacht aan de doelstellingen van de Krw en de bescherming van Natura 2000-gebieden. De uitwerking verschilt per provincie.1 In alle plannen wordt een relatie gelegd tussen waterbeheer (kwantiteit en kwaliteit) en de bescherming van Natura 2000-gebieden. Daarbij is voornamelijk aandacht voor Natura 2000-gebieden met een ‘sense-of-urgency’-status. De regionale plannen bevatten een algemene uiteenzetting van de verdrogingsproblematiek en een overzicht van noodzakelijke maatregelen om dat probleem op te lossen.
Het Natura 2000-gebied ‘Botshol’ heeft last van verdroging. Om dit probleem op te lossen wordt voorgesteld om een natuurlijk peilbeheer te voeren en een aantal petgaten uit te graven.2 In het Natura 2000-gebied ‘De Kop van Schouwen’ heeft te lijden onder de gevolgen van ernstige verdroging. De benodigde peilverhoging in een deel van het gebied kan nog niet worden uitgevoerd vanwege mogelijke ‘vernattingschade’.3
In andere Natura 2000-gebieden (niet zijnde een ‘sense-of-urgency’-gebied) is sprake van een vergelijkbare problematiek.4 In de meeste gevallen wordt volstaan met een ‘kale’ opsomming van deze gebieden. In de regionale waterplannen ontbreekt een compleet overzicht van de benodigde Krw-maatregelen. De relatie tussen de Krw en de bescherming van Natura 2000-gebieden wordt in algemene termen beschreven. De uitvoering van de instandhoudingstaatsregelingen voor habitats en soorten wordt uitgesteld tot na de vaststelling van de definitieve instandhoudingsdoelstellingen en beheerplannen voor de betrokken Natura 2000-gebieden.5