Achtergestelde vorderingen (O&R)
Einde inhoudsopgave
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/6.4.1:6.4.1 Inleiding
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/6.4.1
6.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. drs. N.B. Pannevis, datum 01-04-2019
- Datum
01-04-2019
- Auteur
mr. drs. N.B. Pannevis
- JCDI
JCDI:ADS186597:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
318. Naast een opschortende tijdsbepaling kan ook een opschortende voorwaarde worden toegepast als oneigenlijke achterstelling. Aan de juniorvordering wordt dan de opschortende voorwaarde verbonden van volledige nakoming van de seniorvordering of toestemming van de senior om de juniorvordering te voldoen.1 Deze wijze van achterstelling kwam op zijn minst tot 2004 veel voor in obligaties en werd in achterstellingen naar Engels recht toegepast voordat de contractuele rangverlaging was erkend in de Maxwell-zaak.2
Om de gevolgen van een oneigenlijke achterstelling door middel van een opschortende voorwaarde te bepalen moet de opschortende voorwaarde nader worden gekwalificeerd. Daarbij ligt de nadruk op de positie van de schuldeiser van de voorwaardelijke verbintenis vóór intreding van de voorwaarde. Als de voorwaarde is vervuld, de senior dus is betaald, is de vordering geen voorwaardelijke vordering meer en niet langer achtergesteld.