Einde inhoudsopgave
RvdW 2008, 211
HR, 08-02-2008, nr. C06/283HR
HR 08-02-2008, ECLI:NL:HR:2008:BB9249
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
8 februari 2008
- Magistraten
Mrs. A.M.J. van Buchem-Spapens, A. Hammerstein, J.C. van Oven
- Zaaknummer
C06/283HR
- Conclusie
A-G Huydecoper
- LJN
BB9249
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Arbeidsrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2008:BB9249, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 08‑02‑2008
ECLI:NL:HR:2008:BB9249, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 08‑02‑2008
Essentie
Ontslag op staande voet; dringende reden?; bewijswaardering. Devolutieve werking van het appel. Cassatieberoep verworpen met toepassing van art. 81 RO.
Partij(en)
[Eiseres], te [vestigingsplaats], eiseres tot cassatie, adv. mr. P. Garretsen,
tegen
[Verweerder], te [woonplaats], verweerder in cassatie, adv. mr. P.S. Kamminga.
Uitspraak
Hoge Raad:
1. Het geding in feitelijke instanties
[Verweerder] heeft bij exploot van 4 november 2002 [eiseres] gedagvaard voor de kantonrechter te Helmond en gevorderd, kort gezegd, te verklaren voor recht dat het door [eiseres] op 4 oktober 2002 gegeven ontslag op staande voet nietig is en doorbetaling van loon vanaf 4 oktober 2002 tot ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.