Naar een Nederlandse political question-doctrine?
Einde inhoudsopgave
Naar een Nederlandse political question-doctrine? (SteR nr. 50) 2020/6.5:6.5 Conclusie
Naar een Nederlandse political question-doctrine? (SteR nr. 50) 2020/6.5
6.5 Conclusie
Documentgegevens:
mr. drs. R. van der Hulle, datum 01-08-2020
- Datum
01-08-2020
- Auteur
mr. drs. R. van der Hulle
- JCDI
JCDI:ADS233763:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie in dezelfde zin Schlössels, Schutgens en Zijlstra 2019, p. 143: ‘De combinatie van de objectum litis-leer met de regel dat ook vorderingen ter zake van overheidsbelangen of algemene belangen ontvankelijk zijn, brengt mee dat de burgerlijke rechter politiek getinte onrechtmatige daadsacties en algemeen belangacties niet op formele, procesrechtelijke gronden buiten de deur kan houden.’
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk is ingegaan op de rechterlijke bevoegdheid en de ontvankelijkheid. Een analyse van het wettelijk stelsel en de relevante rechtspraak leert dat de bevoegdheid en voorwaarden voor ontvankelijkheid eenvoudig te nemen hordes zijn. Zij kunnen door de rechter in beginsel niet worden aangewend op een manier die overeenkomt met een political question-doctrine en daarmee om politiek gevoelige geschillen buiten de deur te houden.1 Dit geldt vooral in het civiele recht en het bestuursrecht. In het strafrecht ligt een en ander genuanceerder: hoewel de bevoegdheid en ontvankelijkheid ook op dat rechtsgebied in de regel geen ruimte bieden om geschillen op voorhand buiten de deur te houden, kunnen er wel enkele onderwerpen of leerstukken worden onderscheiden waarover de strafrechter zich niet behoort uit te spreken. Concreet gaat het dan om de parlementaire immuniteit op grond van artikel 71 Gw, die ik in dit onderzoek eerst en vooral beschouw als een strafrechtelijk leerstuk, de vervolging van politieke ambtsdragers op grond van artikel 119 Gw, en de mogelijkheid om de Staat strafrechtelijk te vervolgen. Dit zijn echter de spreekwoordelijke uitzonderingen die de hiervoor bedoelde hoofdregel bevestigen.