Einde inhoudsopgave
Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW (VDHI nr. 171) 2022/5.4.4
5.4.4 Voorwaarden voor het mogen intrekken van de 403-verklaring
mr. dr. J. van der Kraan, datum 01-01-2022
- Datum
01-01-2022
- Auteur
mr. dr. J. van der Kraan
- JCDI
JCDI:ADS648831:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Wel geldt dat dit dient te geschieden door middel van een intrekkingsverklaring, zie de paragraaf hierna.
Wanneer contractueel door een schuldeiser wordt bedongen dat een 403-verklaring wordt afgegeven, krijgt de 403-verklaring de status van een contractueel overeengekomen zekerheidsrecht.
Zie in dit kader Vzr. Rb. Arnhem 21 juli 2004, ROR 2004/42; Van het Kaar 2004/2005, p. 31-46. De ondernemingsraad van de dochtervennootschap heeft geen adviesrecht ten aanzien van het besluit van de moedervennootschap om de 403-verklaring in te trekken: Hof Amsterdam (OK) 13 juli 2000, JOR 2000/174 alsmede Hof Amsterdam, 20 februari 2001, JOR 2001/92.
Rb. Den Haag 14 mei 2003, JOR 2003/215.
Er bestaat in de praktijk soms verwarring ten aanzien van de vraag of aan bepaalde voorwaarden moet worden voldaan om de 403-verklaring te mogen intrekken. Een met enige regelmaat voorkomende misvatting is dat voor de intrekking zou zijn vereist dat de groepsband moet zijn verbroken. Het vereiste van de verbroken groepsband is alleen relevant voor de beëindiging van de overblijvende aansprakelijkheid. Aan de mogelijkheid tot het intrekken van een 403-verklaring worden geen voorwaarden gesteld.1
Uiteraard kunnen verbintenisrechtelijk beperkingen zijn gesteld aan de intrekking van de 403-verklaring.2 Zo kan de rechtspersoon die de 403-verklaring deponeerde zich contractueel jegens derden hebben verplicht om zekerheid te bieden middels een geldige 403-verklaring. Niet zelden verlangt een verhuurder bijvoorbeeld dat een moedervennootschap een 403-verklaring afgeeft wanneer een huurovereenkomst met een dochtervennootschap wordt aangegaan. Ook kan het zijn dat de moedervennootschap haar dochtervennootschap heeft toegezegd een 403-verklaring af te zullen geven.3
Naast eventuele contractuele beperkingen bestaat er nog een restrictie aan de vrijheid om op ieder gewenst moment de 403-verklaring in te mogen intrekken: De rechtspersoon die de 403-verklaring deponeerde mag geen misbruik maken van haar bevoegdheid om de 403-verklaring te kunnen intrekken.4