De turboliquidatie van de Besloten Vennootschap
Einde inhoudsopgave
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/11.1:11.1 Inleiding
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/11.1
11.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. S. Renssen, datum 28-09-2015
- Datum
28-09-2015
- Auteur
mr. S. Renssen
- JCDI
JCDI:ADS383877:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Van Schilfgaarde e.a. 2013, p. 43.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het fenomeen misbruik van vennootschappen staat centraal in dit laatste inhoudelijke hoofdstuk. Hierbij zijn veelal BV’s betrokken. De BV heeft als kapitaalvennootschap rechtspersoonlijkheid als gevolg waarvan de aandeelhouders en het bestuur slechts beperkt aansprakelijk zijn. Deze rechtspersoonlijkheid in combinatie met de beperkte persoonlijke aansprakelijkheid maakt van de BV een geschikte rechtsvorm voor het drijven van een onderneming waaraan risico’s zijn verbonden. Van dit concept kan echter ook eenvoudig misbruik worden gemaakt. Doordat de BV als rechtspersoon geregeld voorkomt als eenpersoons-BV of als BV waarin een grootaandeelhouder feitelijk de macht uitoefent, ontbreekt het machtsevenwicht tussen het bestuur en de aandeelhouders, hetgeen ertoe leidt dat dergelijke BV’s vennootschappen zijn waarvan eenvoudig misbruik kan worden gemaakt. Een dergelijk machtsevenwicht is er juist teneinde te voorkomen dat één van de twee organen de vennootschap in zijn of haar voordeel uitbuit.1
Het doel van dit hoofdstuk is te onderzoeken hoe de turboliquidatie als ontbindingswijze van BV’s in relatie staat tot BV-fraude, zodat de onderzoeksvraag met betrekking hiertoe kan worden beantwoord en aanbevelingen voor de praktijk en tot wijziging van de wet kunnen worden geformuleerd. Dit hoofdstuk begint met een omschrijving van het fenomeen misbruik van vennootschappen (paragraaf 11.2). Vervolgens zal worden ingegaan op de huidige wet- en regelgeving omtrent de bestrijding van misbruik van vennootschappen (paragraaf 11.3). In paragraaf 11.4 staat de toekomst van antimisbruikwetgeving centraal. In paragraaf 11.5 zal tot slot een antwoord worden geformuleerd op de vraag hoe de turboliquidatie als ontbindingswijze van BV’s in relatie staat tot BV-fraude.