De turboliquidatie van de Besloten Vennootschap
Einde inhoudsopgave
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/11.3:11.3 De huidige antimisbruikwetgeving
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/11.3
11.3 De huidige antimisbruikwetgeving
Documentgegevens:
mr. S. Renssen, datum 28-09-2015
- Datum
28-09-2015
- Auteur
mr. S. Renssen
- JCDI
JCDI:ADS386328:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De huidige antimisbruikwetgeving treffen we aan in verschillende wettelijke regelingen. In het vennootschapsrecht zijn verschillende fraudebestrijdende bepalingen opgenomen, maar ook in het fiscaal recht, het faillissementsrecht en het strafrecht vindt men bepalingen terug die beogen misbruik te voorkomen.
De meest in het oog springende antimisbruikwetgeving bestaat uit de drie antimisbruikwetten: de Wet ketenaansprakelijkheid, de Wet bestuurdersaansprakelijkheid en de Wet bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement (paragraaf 11.3.1).
Voor wat betreft de overige vennootschapsrechtelijke antimisbruikwetgeving kan worden gewezen op de kapitaalbeschermingsmaatregelen, het jaarrekeningenrecht, de mogelijkheden tot bestuurdersaansprakelijkheid, de oprichtingsvereisten van vennootschappen, de regeling van de overdracht van aandelen op naam bij notariële akte en een aantal ontbindingsgronden voor BV’s. Bovendien is de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen (hierna ook: Wfbv) gericht tegen oneigenlijk gebruik van formeel buitenlandse kapitaalvennootschappen (paragraaf 11.3.2).
In het fiscale recht is – naast de Wet ketenaansprakelijkheid en de Wet bestuurdersaansprakelijkheid – een antimisbruikbepaling opgenomen inzake inlenersaansprakelijkheid (paragraaf 11.3.3).
In het faillissementsrecht worden ter bestrijding van misbruik van BV’s mogelijkheden geboden aan de curator om bepaalde rechtshandelingen (paulianeuze rechtshandelingen) verricht vóór het faillissement te vernietigen (paragraaf 11.3.4).
De strafrechtelijke bepalingen inzake misbruikbestrijding dienen veelal te worden gelezen in samenhang met artikel 51 Sr, op grond van welk artikel ook rechtspersonen strafbaar kunnen worden gesteld (paragraaf 11.3.5).
11.3.1 De drie antimisbruikwetten11.3.2 De overige vennootschapsrechtelijke antimisbruikbepalingen11.3.3 De fiscaalrechtelijke antimisbruikwetgeving11.3.4 De faillissementsrechtelijke antimisbruikwetgeving11.3.5 De strafrechtelijke antimisbruikwetgeving