Vastgoedtransacties in de Europese btw
Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/4.6.1:4.6.1 Inleiding
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/4.6.1
4.6.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291695:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In hoofdstuk 3 is behandeld wanneer degene die een vastgoedtransactie verricht een belastingplichtige is. Een vastgoedtransactie onder bezwarende titel is op grond van art. 2 lid 1, onderdelen a en d Btw-richtlijn slechts belastbaar is indien een belastingplichtige bij het verrichten van een vastgoedtransactie als zodanig handelt. De vraag in welke hoedanigheid bij een vastgoedtransactie wordt gehandeld, speelt uiteraard uitsluitend indien een persoon niet alleen de hoedanigheid van belastingplichtige heeft. Hierbij kan gedacht worden aan een natuurlijk persoon die zowel de hoedanigheid van belastingplichtige als particulier heeft, de eenmansondernemer. Daarnaast kunnen belastingplichtige rechtspersonen, zoals een N.V., B.V., stichting of vereniging, en entiteiten zonder rechtspersoonlijkheid, zoals een C.V., maatschap of V.O.F., handelen als niet-belastingplichtige indien zij niet alleen economische, maar ook niet-economische activiteiten verrichten. Ten slotte kan gedacht worden aan belastingplichtige publiekrechtelijke lichamen, zoals gemeenten, die ook kunnen handelen in hun hoedanigheid als overheid.
De opbouw van deze paragraaf is als volgt. In paragraaf 4.6.2 wordt ingegaan op de richtlijnhistorie van deze ‘hoedanigheidseis’. Vervolgens wordt in paragraaf 4.6.3 ingegaan op de invulling van deze hoedanigheidseis in de jurisprudentie van het Hof van Justitie en de Hoge Raad voor zover die relevant is voor vastgoedtransacties. Deze jurisprudentie ziet uitsluitend op de levering van vastgoed door een belastingplichtige. Dat is ook niet verwonderlijk. Bij een vastgoedtransactie die kwalificeert als een dienst (zie paragraaf 4.3), zoals de verhuur of operational leasing van vastgoed, is doorgaans sprake van de exploitatie van vastgoed die op zichzelf genomen kwalificeert als een economische activiteit (paragraaf 3.6). In dat geval is het evident dat de vastgoedexploitant met de vastgoedtransactie handelt als belastingplichtige. In paragraaf 4.6.4 wordt de balans opgemaakt en de vraag beantwoordt of de (invulling van de) hoedanigheidseis wenselijk is.