De kosten van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/7.9.2.2:7.9.2.2 Oud-bestuurders of oud-commissarissen
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/7.9.2.2
7.9.2.2 Oud-bestuurders of oud-commissarissen
Documentgegevens:
mr. P.H.M. Broere, datum 12-05-2022
- Datum
12-05-2022
- Auteur
mr. P.H.M. Broere
- JCDI
JCDI:ADS652271:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
OK 28 juni 2001 (r.o. 3.25), NJ 2001/511; JOR 2001/148, m.nt. F.J.P. van den Ingh (De Vries Robbé).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dat onder bestuurders en commissarissen in art. 2:354 BW ook gewezen bestuurders en commissarissen mogen worden begrepen, volgt uit De Vries Robbé. De Ondernemingskamer oordeelde dat:
‘een redelijke uitleg van het bepaalde in artikel 2:354 BW meebrengt dat met die bepaling is bedoeld kostenverhaal mogelijk te maken op personen die ten tijde van het onjuiste beleid in enige relevante betrekking stonden tot de vennootschap en ten aanzien van wie uit het verslag is gebleken dat zij voor het onjuiste beleid of de onbevredigende gang van zaken verantwoordelijk zijn, ongeacht of die betrekking tot de vennootschap nog bestaat op het moment waarop het kostenverhaal wordt verzocht.’1
Deze redenering komt mij juist voor. In De Vries Robbé ging het om een oud-bestuurder en oud-commissaris, maar evengoed kan een gewezen feitelijk bestuurder, indirect bestuurder of ander in dienst van de rechtspersoon zijn gehouden de kosten van het onderzoek te voldoen, zo zou ik willen aannemen. Wel dient diegene verantwoordelijk te zijn voor het in de enquêteprocedure onderzochte onjuist beleid of de onbevredigende gang van zaken bij de rechtspersoon (par. 7.9.3).