De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen
Einde inhoudsopgave
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/4.2.3.3:4.2.3.3 Conclusie kernaspect 2
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/4.2.3.3
4.2.3.3 Conclusie kernaspect 2
Documentgegevens:
S. Schuite, datum 10-04-2023
- Datum
10-04-2023
- Auteur
S. Schuite
- JCDI
JCDI:ADS702112:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het tweede kernaspect dat de positie van onteigeningsdeskundigen bijzonder maakt, is het integrale en inquisitoire karakter van de advisering. Ook wat betreft dit tweede kernaspect zijn onteigeningsdeskundigen bijzonder ten opzichte van ‘normale’ deskundigen in civiele zaken. In de eerste plaats wordt van ‘normale’ deskundigen geen integraal advies gevraagd. Zij voorzien de rechter aan de hand van een of meerdere afgebakende onderzoeksvragen van een bijzonder stukje expertise. Van onteigeningsdeskundigen wordt daarentegen verwacht dat zij een integraal advies uitbrengen. In dat advies voorzien de deskundigen de rechter niet alleen van taxatietechnische expertise, maar ook van de juridische uitgangspunten waarop de schadebegroting rust alsmede de daarbij best passende berekeningsmethode.
Daarnaast mogen ‘normale’ deskundigen in civiele zaken in hun advies niet treden buiten de omvang van het geding zoals dat door partijen is afgebakend. Onteigeningsdeskundigen mogen dat wel. Dat is een voortvloeisel uit de plicht van de onteigeningsrechter om zelfstandig de schadeloosstelling vast te stellen. Voor een lijdelijke civiele rechter is in het onteigeningsrecht geen plaats.