Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW
Einde inhoudsopgave
Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW (VDHI nr. 171) 2022/1.2:1.2 Probleemstelling
Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW (VDHI nr. 171) 2022/1.2
1.2 Probleemstelling
Documentgegevens:
mr. dr. J. van der Kraan, datum 01-01-2022
- Datum
01-01-2022
- Auteur
mr. dr. J. van der Kraan
- JCDI
JCDI:ADS648808:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De groepsvrijstellingsregeling van artikel 2:403 BW heeft de juridische gemoederen de afgelopen decennia behoorlijk beziggehouden. Zowel in de rechtspraak als in de literatuur krijgt de groepsvrijstellingsregeling de nodige aandacht. In de afgelopen decennia heeft de Hoge Raad zich herhaaldelijk over 403-vraagstuken moeten buigen. Ondanks diverse arresten van de Hoge Raad lijken de 403-problemen nog niet te zijn opgelost. In de literatuur is de nodige kritiek geuit op de arresten die de Hoge Raad heeft gewezen. Er is met name kritiek op de vermogensrechtelijke duiding van de 403-verklaring en de daaruit voortvloeiende rechten. De kwalificatie van de aansprakelijkheid als hoofdelijke aansprakelijkheid is discutabel en leidt tot ongewenste gevolgen in de praktijk. Deze observatie vormt de aanleiding voor een verdiepend onderzoek. Bij dat onderzoek past de volgende probleemstelling:
De uitleg die de Hoge Raad geeft aan de aansprakelijkheid die voortvloeit uit de 403-verklaring is dogmatisch onjuist en zorgt in de praktijk voor problemen.