Einde inhoudsopgave
RvdW 2007, 861
HR, 02-10-2007, nr. 03258/06 E
HR 02-10-2007, ECLI:NL:HR:2007:BA8512
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
2 oktober 2007
- Magistraten
Mrs. F.H. Koster, A.J.A. van Dorst, J. de Hullu
- Zaaknummer
03258/06 E
- Conclusie
A-G Wortel
- LJN
BA8512
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht (V)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2007:BA8512, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 02‑10‑2007
ECLI:NL:HR:2007:BA8512, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 02‑10‑2007
Essentie
Onbegrijpelijke strafmotivering nu niet blijkt van eerdere veroordeling.
Partij(en)
Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam, Economische Kamer, van 11 november 2005, nummer 23/000828-03, in de strafzaak tegen: [Verdachte] gevestigd te [vestigingsplaats].
Uitspraak
Hoge Raad:
1. De bestreden uitspraak
Het Hof heeft in hoger beroep — met vernietiging van een vonnis van de Economische Politierechter in de Rechtbank te Alkmaar van 14 oktober 2002 — de verdachte vrijgesproken van het hem bij inleidende dagvaarding in zaak A als feit 1 primair en subsidiair en feit 2 primair en subsidiair en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.