Einde inhoudsopgave
RvdW 2013/1318
Vervangende toestemming rechtbank tot erkenning van kind, art. 1:204 lid 3 BW. Kosten van DNA-onderzoek. Art. 81 lid 1 RO.
HR 01-11-2013, ECLI:NL:HR:2013:1082
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
1 november 2013
- Magistraten
Mrs. A.M.J. van Buchem-Spapens, G. Snijders, M.V. Polak
- Zaaknummer
12/05082
- Conclusie
A-G mr. F.F. Langemeijer
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Personen- en familierecht / Afstamming en adoptie
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
Burgerlijk procesrecht / Cassatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2013:1082, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 01‑11‑2013
Essentie
Vervangende toestemming rechtbank tot erkenning van kind, art. 1:204 lid 3 BW. Kosten van DNA-onderzoek. Art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
[de vrouw], verzoekster tot cassatie, adv.: mr. J.F.M. van Weegberg,
tegen
[de man], verweerder in cassatie, adv.: mr. R.K. van der Brugge,
Belanghebbende in cassatie: Mr. R.N. Baldew, in haar hoedanigheid van bijzonder curator over de hierna te noemen minderjarige, te ’s-Gravenhage, niet verschenen.
Conclusie
Conclusie A-G mr. F.F. Langemeijer:
1. De feiten en het procesverloop
1.1.
Verzoekster tot cassatie (hierna: de vrouw) en verweerder in cassatie (hierna: de man) hebben een affectieve ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.