Einde inhoudsopgave
De niet-uitvoerende bestuurder in een one tier board (VDHI nr. 168) 2020/IV.4.1
IV.4.1 Inleiding
mr. N. Kreileman, datum 01-08-2020
- Datum
01-08-2020
- Auteur
mr. N. Kreileman
- JCDI
JCDI:ADS242705:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Onder anderen Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIb 2019/251; Lennarts, T&C Ondernemingsrecht, art. 2:134/244 BW, aant. 3; en Van Schilfgaarde/Winter, Wezeman & Schoonbrood 2017, p. 201.
Zie art. 9 lid 1 jo. 22 lid 1 onder a Hrgb 2008. Kan de schorsing van de niet-uitvoerende bestuurder van een beursvennootschap worden aangemerkt als koersgevoelige informatie, dan moet de beursvennootschap deze informatie bovendien onmiddellijk openbaar maken, zie art. 17 EU-Vo Marktmisbruik (PbEU 2014, L 173).
Het verzoek tot ontslag kan op grond van art. 2:161/271 lid 3 BW tevens worden ingediend door een daartoe aangewezen vertegenwoordiger van de algemene vergadering of de ondernemingsraad.
Zie art. 2:18 lid 8 BWC/BW-SM/BW-BES. Op Aruba geldt een nog langere termijn. Op grond van art. 51 lid 4 LVBA vervalt de schorsing pas na drie maanden.
Evenzo onder anderen Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIb 2019/251; Bier & Quist 2016, p. 198; Huizink, GS Rechtspersonen, art. 2:134/244 BW, aant. 22.5; en Lennarts, T&C Ondernemingsrecht, art. 2:134/244 BW, aant. 3.
Aldus ook Assink|Slagter 2013 (Deel 1), § 43.6, p. 739; Handboek 2013/253, p. 548; en Huizink, GS Rechtspersonen, art. 2:134/244 BW, aant. 22.2.
Zie art. 14.7 van de statuten van OCI NV d.d. 15 september 2016; en art. 16.8 van de statuten van Prosus NV d.d. 16 september 2019.
Zie art. 17.5 van de statuten van Altice Europe NV d.d. 6 november 2019; en art. 13.9 van de statuten van Amsterdam Commodities NV d.d. 28 april 2017. Op grond van deze bepalingen kan een bestuurder worden geschorst voor een periode van maximaal drie maanden. Die periode kan vervolgens met maximaal drie maanden worden verlengd.
Aldus ook in algemene zin Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIb 2019/251; Assink|Slagter 2013 (Deel 1), § 43.6, p. 740; en Handboek 2013/254, p. 553.
Ik licht dit in § IV.4.6 toe.
Het niet-uitvoerende bestuurderschap is niet oneindig. Daaraan komt op enig moment een eind. In § IV.2.3 schreef ik dat de niet-uitvoerende bestuurder bij structuurvennootschappen en beursvennootschappen voor een bepaalde termijn wordt benoemd. Verloopt die termijn en wordt hij niet herbenoemd, dan is hij niet-uitvoerend bestuurder af. De niet-uitvoerende bestuurder kan ook tussentijds uit zijn functie gezet worden. Zo kan hij worden geschorst en ontslagen. Tot slot kan de niet-uitvoerende bestuurder zelf opstappen.
Bij een schorsing wordt de niet-uitvoerende bestuurder tijdelijk ontheven uit zijn functie. Dit houdt in dat hij zijn taken en bevoegdheden niet kan uitoefenen gedurende de periode waarin hij is geschorst. Aangenomen wordt dat het besluit tot schorsing tevens een schorsing in arbeids- en opdrachtsrechtelijke zin met zich brengt.1 Van de schorsing en de opheffing ervan moet steeds opgaaf worden gedaan aan het handelsregister.2
Voor structuurvennootschappen schrijft de wet in het derde lid van art. 2:161/271 BW voor dat de schorsing na een maand vervalt, tenzij de gezamenlijke niet-uitvoerende bestuurders een verzoek tot ontslag hebben ingediend bij de Ondernemingskamer.3 Op Curaçao, St. Maarten en de BES-eilanden kan de schorsing langer in stand blijven. De schorsing vervalt daar pas indien de bestuurder niet binnen twee maanden na de dag van de schorsing is ontslagen.4 Voor Nederlandse niet-structuurvennootschap bevat de wet geen maximumtermijn. Uit de aard van de maatregel volgt niettemin dat zij binnen een redelijke termijn moet worden opgeheven of worden opgevolgd door een ontslag.5 Schorsing is derhalve vaak een voorportaal van het ontslag.6
Dat de wet voor niet-structuurvennootschappen geen maximumtermijn bevat, neemt niet weg dat de statuten daarin kunnen voorzien. De maximumtermijn die beurs-NV’s met een one tier board in hun statuten hebben opgenomen, loopt uiteen van drie7 tot zes maanden.8
Ontslag is een definitieve maatregel. Het ontslag betekent in de eerste plaats het einde van het bestuurderschap. Door het ontslag verliest de niet-uitvoerende bestuurder zijn hoedanigheid van bestuurder.9 Van het ontslag moet dan ook opgave aan het handelsregister worden gedaan.10 Verder heeft het ontslag van de bestuurder in beginsel het einde van de arbeids- of opdrachtovereenkomst tot gevolg.11 Voordat ik dieper op de gevolgen van het ontslag voor de contractuele band in ga, sta ik stil bij de wijzen waarop het niet-uitvoerende bestuurderschap kan eindigen.