Het beheerplan voor Natura 2000-gebieden
Einde inhoudsopgave
Het beheerplan voor Natura 2000-gebieden (SteR nr. 17) 2014/5.5:5.5 TUSSENCONCLUSIE
Het beheerplan voor Natura 2000-gebieden (SteR nr. 17) 2014/5.5
5.5 TUSSENCONCLUSIE
Documentgegevens:
mr. drs. S.D.P. Kole, datum 31-01-2014
- Datum
31-01-2014
- Auteur
mr. drs. S.D.P. Kole
- JCDI
JCDI:ADS442460:1
- Vakgebied(en)
Natuurbeschermingsrecht / Algemeen
Natuurbeschermingsrecht / Gebiedsbescherming
Natuurbeschermingsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk zijn alle (ontwerp)beheerplannen die uiterlijk op 15 juli 2013 zijn vastgesteld, onderzocht op een aantal procedurele en inhoudelijke aspecten. De beheerplannen zijn tot stand gekomen in overleg met een groot aantal personen en organisaties. In de praktijk is de kring van betrokkenen bij het vaststellen van de beheerplannen (veel) groter dan wettelijk verplicht. Het voorbereiden en vaststellen van beheerplannen is een langdurig proces. Bij de beheerplannen voor de Natura 2000-gebieden Broekvelden, Oudeland van Strijen en Voordelta duurde dit proces gemiddeld 28 maanden. Het is op basis van informatie in de beheerplannen niet mogelijk om te achterhalen op welke manier het overleg tussen betrokken partijen is verlopen. In het kader van de afdeling 3.4 Awb-procedure zijn tegen alle beheerplannen zienswijzen ingediend. De ingediende zienswijzen waren voornamelijk afkomstig van personen en organisaties die niet direct bij de vaststelling van de beheerplannen worden betrokken. De zienswijzen hebben voornamelijk geleid tot aanscherpingen van de tekst, en in een enkel geval tot inhoudelijke wijzigingen.
In niet alle gevallen zijn in de beheerplannen instandhoudingsmaatregelen opgenomen. De redenen hiervoor lopen uiteen. In een aantal Natura 2000-gebieden verkeren de kwalificerende habitats en soorten al in een gunstige staat van instandhouding. De wijze waarop de instandhoudingsmaatregelen zijn geformuleerd en uitgewerkt verschillen per beheerplan. In een aantal beheerplannen is onduidelijk waar de instandhoudingsmaatregelen uit bestaan en of en wanneer deze worden uitgevoerd. Een bijkomend probleem is dat bepaalde maatregelen – bijvoorbeeld onderzoek – ten onrechte als instandhoudingsmaatregelen worden aangemerkt.
Met uitzondering van het beheerplan voor het Natura 2000-gebied Norgerholt is voor alle beheerplannen een volledige habitattoets (voortoets en passende beoordeling) uitgevoerd. In de meeste gevallen kunnen de instandhoudingsmaatregelen en het bestaand gebruik doorgang vinden met behulp van mitigerende maatregelen. In de praktijk is het vaak onduidelijk waar deze maatregelen uit bestaan, hoe de maatregelen worden geborgd en wie verantwoordelijk is voor de uitvoering.
In de beheerplannen is praktisch al het bestaand gebruik in de betrokken Natura 2000-gebieden beschreven. Dit is gebeurd na het uitvoeren van een habitattoets. Deze toets heeft in geen enkel geval geleid tot de conclusie dat een bepaalde vorm van bestaand gebruik in het geheel geen doorgang kan vinden. Wel is het bestaand gebruik vaak gebonden aan aanvullende voorwaarden. In een beperkt aantal gevallen bleek het niet mogelijk om bestaand gebruik in het beheerplan op te nemen, en is de vergunningplicht van artikel 19d Nbw 1998 van toepassing. Op basis van de huidige kennis zijn er geen voorbeelden bekend van bestaand gebruik dat als gevolg van het vaststellen van een beheerplan in het geheel geen doorgang kon vinden. De Natura 2000-gebieden gaan niet ‘op slot’ voor economische activiteiten.
Het beheerplan speelt ook een rol als toetsingskader bij de beoordeling van een aanvraag voor een Nbw 1998-vergunning. In een (klein) aantal beheerplannen zijn daartoe beleidsregels opgenomen. Tot op heden zijn – voor zover bekend – slechts 3 beheerplannen als toetsingskader gebruikt. Daarvoor zijn een aantal verklaringen. Met uitzondering van het beheerplan voor de Voordelta zijn de beheerplannen recent vastgesteld. Daarnaast toetst niet ieder bevoegd gezag aan concept- of ontwerp-beheerplannen. Bij de vaststelling van de beheerplannen zijn veel activiteiten als bestaand gebruik beschreven. Op dit bestaand gebruik is de vergunningplicht nu of in de toekomst niet meer van toepassing. Tenslotte is vastgesteld dat een beheerplan ook kan worden ingezet als toetsingskader voor het vaststellen van plannen of het nemen van andere besluiten (toegangsbeperkingsbesluit, nadeelcompensatie).
Het voorgaande maakt opnieuw duidelijk dat het beheerplan een belangrijke rol kan spelen bij de bescherming van kwalificerende habitats en soorten in Natura 2000-gebieden. Wel kunnen bij de vaststelling en de uitvoering van het beheerplan om uiteenlopende redenen problemen ontstaan. Om die reden is het nodig om kritische kanttekeningen te plaatsen met betrekking tot de effectiviteit van het beheerplan als instrument, om Natura 2000-gebieden te beschermen. Deze conclusie sluit aan bij de tussenconclusies van de hoofdstukken 3 en 4. Dit roept opnieuw de vraag op of het niet mogelijk is om Natura 2000-gebieden (mede) te beschermen met behulp van andere (plan) instrumenten in andere sectorale omgevingswetten. Deze onderzoeksvraag komt aan de orde in hoofdstuk 6, 7, 8 en 9 van dit boek.
Natura 2000-gebied
Provincie
Voortouwnemerbij vaststellen plan
Oppervlakte (in ha.)
Status beheerplan
Jaartal vaststelling
Abdij Lilbosch &Voormalig klooster Mariahoop (hierna: Abdij Lilbosch)
Limburg
Provincie Limburg
15
Ontwerp
2013
Deelen
Friesland
Ministerie van EZ
514
Ontwerp
2011
Eilandspolder
Noord-Holland
Provincie Noord-Holland
1.416
Ontwerp
2013
Groote Wielen
Friesland
Provincie Friesland
609
Ontwerp
2011
Lepelaarsplassen
Flevoland
Provincie Flevoland
358
Ontwerp
2011
Norgerholt
Drenthe
Provincie Drenthe
26
Ontwerp
2012
Solleveld &Kapittelduinen
Zuid-Holland
Provincie Zuid-Holland
724
Ontwerp
2011
Westduinpark &Wapendal
Zuid-Holland
Provincie Zuid-Holland
249
Ontwerp
2011
Zeevang
Noord-Holland
Provincie Noord-Holland
1.862
Ontwerp
2012
Broekvelden, Vettenbroeken polder Stein (hierna: Broekvelden)
Zuid-Holland
Provincie Zuid-Holland
711
Definitief
2012
Oudeland van Strijen
Zuid-Holland
Provincie Zuid-Holland
1.578
Definitief
2010
Voordelta
Zuid-Holland/ Zeeland
Ministerie van I&M
92.367
Definitief
2008
Natura 2000-gebied
Aantal ziens-wijzen1
Aantal insprekers2
Onderwerp zienswijze3 (incl. het aantal reacties per onderwerp)
Broekvelden
7
7
Waterbeheer (2)
Ganzenpopulatie Natura 2000-gebied (2)
Tekstuele opmerkingen (2)
Draagvlak/betrokkenheid beheerplan (2)
Landbouw (1)
Luchtvaart (1)
Toegankelijkheid gebied (1)
Oudeland van Strijen
11
11
Jacht, populatiebeheer en schadebestrijding (5)
De kartbaan (4)
Landbouw (4)
Overig gebruik (1)
Draagvlak (1)
Instandhoudingsmaatregelen (1)
Voordelta
43
72
Passende beoordeling (16)
Visserij (13)
Toerisme en recreatie (10)
Maatregelen overig (9)
Juridische en bestuurlijke aspecten (8)
Compensatie in relatie tot de Tweede Maasvlakte (6)
Voorlichting en handhaving (5)
Instandhoudingsdoelstellingen (5)
Plan-milieueffectrapport (4)
Monitoring en evaluatie (3)
Communicatie en overige onderwerpen (2)
Uitvoeringsorganisatie (2)
Dit betreft mondelinge en schriftelijke zienswijzen.
Insprekers zijn personen en/of organisaties.
Het aantal reacties per onderwerp ligt hoger dan het totale aantal ingediende zienswijzen. Dit is te verklaren doordat veel zienswijzen betrekking hebben op meerdere onderwerpen.
Natura 2000-gebied
Instandhoudingsmaatregelen
Maatregelen uitgewerkt
Referentiewaarden
Tijdsplanning
Begroting in beheerplan
Kosten Instandhoudingsmaatregelen (€)
Abdij Lilbosch (O)
Ja
Ja1
Nee
Ja
Ja
79.500
Deelen (O)
Ja
Ja
Nee
Ja
Ja
172.0002
Eilandspolder (O)
Ja3
Ja4
Nee
Ja5
Ja6
78.0007
Groote Wielen (O)
Ja
Ja8
Nee9
Ja10
Ja11
951.00012
Lepelaarsplassen (O)
Ja13
Ja
Nee
Ja14
Nee
115.00015
Norgerholt (O)
Nee16
N.v.t
N.v.t
N.v.t
Ja
29.00017
Solleveld & Kapittelduinen (O)
Ja18
Ja19
Nee
Ja20
Nee21
Onbekend
Westduinpark & Wapendal (O)
Ja22
Ja23
Nee
Ja24
Nee25
Onbekend
Zeevang (O)
Nee26
N.v.t
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.27
N.v.t.
Broekvelden (D)
Nee28
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
Oudeland van Strijen (D)
Nee29
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
Voordelta (D)
Ja30
Ja31
Ja
Ja
Nee
Onbekend
Legenda: (O) = ontwerp-beheerplan, (D) = definitief-beheerplan
De informatie over de instandhoudingsmaatregelen is gedetailleerd.
Het grootste deel van dit bedrag (€ 127.000,=) is bestemd voor onderzoek naar mogelijke toekomstige instandhoudingsmaatregelen.
De instandhoudingsmaatregel bestaat uit de voortzetting van het regulier natuurbeheer. Daarnaast zijn enkele aanvullende maatregelen nodig.
Met name de aanvullende maatregelen voor het veenmosrietland zijn gedetailleerd uitgewerkt.
In dat verband wordt enkel gesproken over de 1ste beheerplanperiode.
De begroting is niet compleet. De eventuele kosten voor de aanpassing van het waterbeheer (Krw) ontbreken.
idem eindnoot 3.
Het betreft in totaal 20 verschillende maatregelen. Deze worden uitvoerig toegelicht.
Voor een aantal instandhoudingsmaatregelen wordt wel de einddoelstelling vermeld. Bijvoorbeeld 50 hectare ‘kemphaangrasland’.
De tijdsplanning is niet altijd even concreet. In het beheerplan wordt bijvoorbeeld vermeld dat afspraken met een beheerder moeten worden gemaakt.
Begroting bevat ruime ramingen en gaat uit van maximumbedragen. In sommige gevallen is nog niet zeker of de ingeboekte maatregelen ook daadwerkelijk worden getroffen.
Voor de aanleg van de ecologische verbindingszone Bouwepet staat € 430.000 (incl. vispassage) gebudgetteerd, voor de aanleg van natuurvriendelijke oevers € 300.0000.
De belangrijkste instandhoudingsmaatregel is voortzetting van het reguliere natuurbeheerbeheer. Een deel van de voorgestelde maatregelen is bedoeld voor buiten het Natura 2000-gebied.
Dat is niet voor alle instandhoudingsmaatregelen het geval.
Dit bedrag heeft alleen betrekking op het regulier beheer. Voor de overige instandhoudingsmaatregelen worden geen bedragen genoemd.
Het beheer in dit Natura 2000-gebied bestaat uit het achterwege laten van iedere vorm van beheer.
Betreft een voorlopige raming van de kosten. Het grootste deel van de kosten (€ 12.000) betreft beheer en moet worden gefinancierd op basis van SNL-subsidies.
Dit is inclusief mitigerende maatregelen.
De benodigde instandhoudingsmaatregelen worden uitgebreid toegelicht; eerst op hoofdlijnen in tabellen en vervolgens in aparte paragrafen per habitattype.
Alle beschreven instandhoudingsmaatregelen beperken zich tot de eerste beheerplanperiode.
In het beheerplan wordt per instandhoudingsmaatregel opgesomd wie verantwoordelijk is voor de financiering. In algemene termen wordt opgemerkt dat de instandhoudingsmaatregelen moeten worden betaald uit natuursubsidies (SNL).
In het beheerplan wordt gesproken over instandhoudingsbeheer in plaats van instandhoudingsmaatregelen. Het instandhoudingsbeheer valt uiteen in natuurbeheer en mitigerende maatregelen.
Idem eindnoot 19.
Idem voetnoot 20.
In het beheerplan wordt per instandhoudingsmaatregel aangegeven wie de kosten moet dragen.
Volgens de opstellers van het beheerplan bestaan er geen knelpunten bij het beheer van de kwalificerende (vogel)soorten. In de eerste beheerplanperiode is continuering van het bestaande beheer nodig. Wel wordt een onderzoek aangekondigd naar de dalende tendens in het vóórkomen van een aantal vogelsoorten.
Het beheerplan bevat wel een raming van de kosten die gemoeid zijn met het onderzoek naar de achteruitgang van de kwalificerende vogelsoort Kleine Zwaan en de monitoring van het gevoerde beheer (€ 60,700,=).
Volgens de opstellers van het beheerplan vormt het bestaand gebruik geen belemmering om de instandhoudingsdoelstellingen te realiseren. Om die reden zijn geen instandhoudingsmaatregelen nodig. Wel moet het bestaande beheer worden voortgezet.
In de huidige situatie wordt aan alle instandhoudingsdoelstellingen voldaan. Om die reden zijn geen instandhoudingsmaatregelen nodig.
Dit is inclusief de compenserende maatregelen die nodig zijn voor de aanleg van de Tweede Maasvlakte.
De toelichting op de benodigde maatregelen (inclusief: de compenserende maatregelen) is uitvoering, waarbij wordt verwezen naar onderliggende onderzoeksgegevens en een aantal aanvullende plannen en besluiten.
Natura 2000-gebied
Habitattoets uitgevoerd
Voortoets uitgevoerd
Passende beoordeling opgesteld
Mitigerende Maatregelen vastgelegd
Compenserende maatregelen vastgelegd
Abdij Lilbosch (O)
Ja
Ja
Ja
Ja1
Nee
Deelen (O)
Ja2
Ja
Ja
Ja3
Nee
Eilandspolder (O)
Ja
Ja
Ja
Ja4
Nee
Groote Wielen (O)
Ja
Ja
Ja
Ja
Nee
Lepelaarsplassen (O)
Ja
Ja
Ja5
Ja
Nee
Norgerholt (O)
Ja
Ja
Nee6
Nee
Nee
Solleveld &Kapittelduinen(O)
Ja7
Ja
Ja
Ja
Nee81
Westduinpark &Wapendal(O)
Ja9
Ja
Ja
Ja
Nee
Zeevang (O)
Ja
Ja
Ja
Ja
Nee
Broekvelden (D)
Ja
Ja
Ja
Nee10
Nee
Oudeland van Strijen (D)
Ja
Ja
Ja
Nee11
Nee
Voordelta (D)
Ja
Ja
Ja
Ja12
Ja13
Legenda: (O) =ontwerp-beheerplan, (D) =definitief-beheerplan
Bij sommige mitigerende maatregelen is onduidelijk wat de bedoeling is. Bij het uitvoeren van groot onderhoud op de zolders waar de kwalificerende Ingekorven vleermuis voorkomt moeten ‘op voorhand negatieve effecten worden uitgesloten’.
Bij het uitvoeren van de habitattoets wordt consequent gesproken over activiteiten in plaats van handelingen en ontwikkelingen.
De kwaliteit van de voorgestelde maatregelen loopt nogal uiteen. Onder het kopje mitigerende maatregelen wordt onder andere een onderzoek naar dynamisch peilbeheer, het niet meer uitvoeren van vaarexcursies ten behoeve van vogels en de ontwikkeling van een gedragscode door Gedeputeerde Staten aangekondigd. Bij het eerste en laatste voorbeeld is strikt genomen geen sprake van een mitigerende maatregel.
De mitigerende maatregelen worden opgesomd in bijlage 3 bij het beheerplan. De uitwerking van en toelichting op de mitigerende maatregelen is beknopt.
De passende beoordeling is beperkt tot een onderzoek naar de (mogelijke) significante effecten van de recreatieve luchtvaart.
Dit moet wel gebeuren voor toekomstige bestemmingsplanwijzigingen in de gemeenten rond het Natura 2000-gebied. Het huidige bestaand gebruik in en rond het Natura 2000-gebied heeft geen of hooguit verslechterende effecten op het Natura 2000-gebied.
Uitvoerige informatie over de doelstelling en de resultaten van de passende beoordeling is te vinden in hoofdstuk 7 van het beheerplan. De mogelijke effecten van het bestaand gebruik worden (inclusief eventuele mitigerende maatregelen)samengevat in tabellen.
Op woensdag 25 mei 2011 is het Natura 2000-gebied Spanjaards Duin (dat onderdeel gaat uitmaken van het Natura 2000-gebied Solleveld & Kapittelduinen) voorlopig aangewezen. Het gebied Spanjaards Duin is aangelegd als duincompensatiegebied in verband met mogelijk significante gevolgen op de Natura 2000-gebieden Voornes Duin en Solleveld & Kapittelduinen als gevolg van het toekomstig gebruik van Maasvlakte 2. In het beheerplan voor het Natura 2000-gebied Solleveld & Kapittelduinen zijn geen compenserende maatregelen opgenomen.
Idem eindnoot 7.
Volgens de opstellers van het beheerplan staat het huidig bestaand gebruik het realiseren van de Natura 2000-doelen niet in de weg.
Het bestaand gebruik heeft volgens de opstellers van het beheerplan geen verslechterende en/ of significant verstorende effecten op de kwalificerende natuurwaarden.
Deze maatregelen bestaan uit het aanwijzen van een vijftal rustgebieden en het stellen van beperkende voorwaarden aan de bodemberoerende visserij.
Om significant verstorende effecten als gevolg van de Tweede Maasvlakte te compenseren zijn een bodembeschermingsgebied en een vijftal rustgebieden aangewezen.
Natura 2000-gebied
Bestaand gebruik beschreven
Habitattoets uitgevoerd
Met mitigerende maatregelen toegestaan
Vergunningplicht art. 19d Nbw 1998 van toepassing
Niet mogelijk om een Nbw 1998 vergunning te verlenen
Abdij Lilbosch(O)
Ja
Ja
Ja
Nee1
Nee
Deelen (O)
Ja
Ja
Deels2
Ja3
Nee
Eilandspolder (O)
Ja
Ja
Deels4
Ja5
Nee
Groote Wielen (O)
Ja
Ja6
Deels7
Ja8
Nee
Lepelaarsplassen (O)
Ja
Ja
Deels9
Nee10
Nee
Norgerholt (O)
Ja
Ja
N.v.t.11
Nee
Nee
Solleveld &Kapittelduinen (O)
Ja
Ja12
Deels13
Ja14
Nee
Westduinpark &Wapendal (O)
Ja
Ja15
Deels16
Nee
Nee
Zeevang (O)
Ja
Ja
Deels17
Ja18
Nee
Broekvelden (D)
Ja
Ja
Nee19
Nee
Nee
Oudeland van Strijen (D)
Ja
Ja
Nee
Ja20
Nee
Voordelta (D)
Ja
Ja
Ja21
Nee
Nee22
(O) = ontwerp-beheerplan, (D) = definitief-beheerplan
De conclusie in het beheerplan is stelliger dan de informatie over het bestaand gebruik toelaat. Bij groot onderhoud van de zolder van Abdij Lilbosch, groot onderhoud op de zolder van voormalig klooster Mariahoop en het beheer van lanen, houtsingels en overige landschapselementen zijn significante effecten niet uit te sluiten. Desondanks is volgens de opstellers van het beheerplan geen sprake van een vergunningplicht omdat bij de uitvoering van de werkzaamheden rekening wordt gehouden met de ingekorven vleermuis.
Natuurbeheer, regulier landbouwkundig gebruik en jacht zijn zonder mitigerende maatregelen toegestaan. Riet maaien, varen en afvoer van verveningswater zijn onder bepaalde voorwaarden toegestaan.
Dit is het geval voor het plaatsen van hooibalen, dynamisch peilbeheer, noodinlaat in het Natura 2000-gebied en vliegen boven het Natura 2000-gebied.
In het beheerplan zijn geen voorwaarden met betrekking tot karteren/onderzoek/monitoring, groot onderhoud aan waterlopen, gebruik en verhuur van zeilboten, wandelen op wegen en paden volgens de opstellingsregels opgenomen. Beweiding, weidevogelbeheer en kleinschalig baggeren en het uitvoeren van maatregelen ten behoeve van het veenrietmosland zijn onder voorwaarden toegestaan.
Voor het gebruik van vogelwerende middelen (linten en vlaggen e.d.) is een Nbw 1998 vergunning nodig.
De uitkomsten van de habitattoets worden in het beheerplan zeer uitvoerig beschreven. De verschillende vormen van bestaand gebruik worden expliciet gerelateerd aan de instandhoudingsdoelstellingen van afzonderlijke kwalificerende soorten. Het is als gevolg van de grote hoeveelheid informatie lastig om vast te stellen of een bepaalde activiteit met of zonder mitigerende maatregelen doorgang kan vinden.
Dit is alleen het geval bij baggerwerkzaamheden.
Dit is mogelijkerwijs het geval voor recreatieve activiteiten en grootschalig natuurbeheer (zoals de aanleg van de EHS) in het Natura 2000-gebied.
Dit betreft mitigerende maatregelen met betrekking tot de muskusrattenbestrijding en de uitvoering van het Krw-monitoringsprogramma.
Bij het vaststellen van het beheerplan bestonden twijfels met betrekking tot mogelijke significant verstorende effecten van de recreatieve luchtvaart. Door middel van het opstellen van een passende beoordeling is vastgesteld dat dergelijke effecten niet optreden. Klaarblijkelijk bestond er evenmin aanleiding voor het treffen van mitigerende maatregelen.
De beschreven vormen van bestaand gebruik hebben hooguit een marginaal effect op het kwalificerende habitattype.
Het beheerplan bevat (zeer) duidelijke informatie met betrekking tot de uitkomsten van de habitattoets. De uitkomsten van deze toets zijn samengevat in Tabel 7.41.
Bijvoorbeeld strandrecreatie, honden aangelijnd zonder een opruimplicht, camping Molenslag, camping Vinetaduin, camping Hillduin.
Het betreft de volgende vormen van bestaand gebruik: hondenlosloopgebied Ockenburgh, calamiteitenberging De Banken, graven van kabels voor zendmasten Vinetaduin en permanente strandpaviljoens Hoek van Holland.
Zie eindnoot 16.
Dit betreft onder meer regulier beheer en onderhoud, autoverkeer Natura 2000-gebied, vuurwerk strandpaviljoens, Havengebied Rotterdam.
Fietsen, lopen, paardrijden, schaatsen en weiden zijn zonder nadere regels toegestaan. Natuurbeheer, bemesten van de landbouwgronden en het organiseren van evenementen zijn alleen onder voorwaarden toegestaan.
Zoals evenementen en nachtvisserij.
Volgens de opstellers van het beheerplan kunnen alle vormen van bestaand gebruik zonder nadere voorwaarden (mitigerende voorwaarden) voortgang vinden. De effecten van het bestaand gebruik zijn neutraal of positief.
Dit is het geval voor het gebruik van de militaire laagvliegroute in dit Natura 2000-gebied (< 450 meter).
Het beheerplan voorziet in de aanwijzing van vijf rustgebieden, beperkingen voor de bodemberoerende visserij.
De aanleg en het gebruik van de Tweede Maasvlakte heeft significant verstorende effecten op de kwalificerende habitats en soorten in het Natura 2000-gebied de Voordelta. Na het succesvol doorlopen van de zogenoemde ADC-criteria is toestemming verleend voor de aanleg en het gebruik van dit nieuwe havengebied. Zie Rijkswaterstaat 2008b, p. 102-104. Overigens betreft het geen bestaand maar toekomstig gebruik aan de rand van het Natura 2000-gebied de Voordelta.
Natura 2000-gebied
Beschrijving projecten en andere handelingen waarop art. 19d Nbw 1998 van toepassing is
Beleidsregels opgenomen in het beheerplan
Het beheerplan reeds gebruikt als toetsings- en afwegingskader1
Abdij Lilbosch (O)
Nee
Nee
Nee
Deelen (O)
Ja
Nee
Nee
Eilandspolder (O)
Ja
Ja2
Ja3
Groote Wielen (O)
Ja
Nee
Nee
Lepelaarsplassen (O)
Nee
Ja4
Nee
Norgerholt (O)
Nee
Nee
Nee
Solleveld &Kapittelduinen (O)
Ja
Nee
Ja5
Westduinpark &Wapendal (O)
Nee
Nee
Nee
Zeevang (O)
Ja
Ja6
Nee
Broekvelden (D)
Nee
Nee
Nee
Oudeland van Strijen (D)
Ja
Ja7
Nee
Voordelta (D)
Nee
Ja8
Ja9
O = ontwerp-beheerplan, D = definitief beheerplan
Peildatum 15 juli 2013.
Deze informatie is te vinden in paragraaf 5.2. De beleidsregels zijn bondig en (zeer) al-gemeen geformuleerd. De paragraaf vangt aan met een herhaling van een uitleg van de werking van de vergunningplicht van artikel 19d, eerste lid Nbw 1998.
In ABRvS 18 januari 2012, nr. 201012793 (Nbw-vergunning injecteren drijfmest) is getoetst aan het ontwerpbeheerplan voor de Eilandspolder. Daarnaast is getoetst aan het aanwijzingsbesluit voor het Natura 2000-gebied Eilandspolder. ABRvS 17 juli 2013, nr. 201210005/1/R1 (Bestemmingsplan ‘Kleine kernen’ Graft-De Rijp).
In paragraaf 6.4.2 en 6.4.3 is (zeer) algemene informatie opgenomen die voor dat doel kan worden gebruikt.
Bij de verlening van een Nbw 1998-vergunning voor een fietspad is getoetst aan het conceptbeheerplan voor het Natura 2000-gebied Solleveld & Kapittelduinen. Zie ABRvS 26 september 2012, no. 201110142/1/A4 (Nbw 1998 vergunning duinfietspad).
Zie eindnoot 2.
Deze informatie is te vinden in paragraaf 6.4. Het betreft informatie op hoofdlijnen die nadrukkelijk niet uitputtend is bedoeld.
In paragraaf 3.1.2 zijn bijvoorbeeld voorwaarden met betrekking tot de (toekomstige) visserij in het Natura 2000-gebied de Voordelta opgenomen.
De beleidsregels in het beheerplan worden al gebruikt voor het verlenen van Nbw 1998-vergunningen. Zie ABRvS 25 augustus 2010, nr. 200808885/1/R2 (Nbw 1998 vergunning schelpdieren Natura 2000-gebied Voordelta) en ABRvS 21 april 2010, TBR 2010/133 en M&R 2011/3, 64 (Kokkelvisserij Natura 2000-gebied Voordelta). De ABRvS heeft in andere zaken getoetst aan (onder)delen van het beheerplan die betrekking hebben op het beschreven bestaand gebruik. Zie ABRvS 26 september 2012, nr. 201108509/ 1/R4 (Bestemmingsplan Zeegebied Westvoorne) en ABRvS 27 april 2011, nr. 201005946/ 1/H2 (Schadevergoeding ex. art. 31 Nbw 1998 Natura 2000-gebied Voordelta). Het beheerplan Voordelta is eveneens gebruikt voor het beoordelen van een beroep tegen het toegangsbeperkingsbesluit voor het Natura 2000-gebied Voordelta. Zie ABRvS 21 juli 2010, nr. 200808045/1/R2 (Toegangsbeperkingsbesluit Natura 2000-gebied Voordelta).