Wilsdelegatie in het erfrecht
Einde inhoudsopgave
Wilsdelegatie in het erfrecht (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2014/6.5.4:III.6.5.4 Uiterste wilsbeschikking onder last
Wilsdelegatie in het erfrecht (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2014/6.5.4
III.6.5.4 Uiterste wilsbeschikking onder last
Documentgegevens:
mr. N.V.C.E. Bauduin, datum 09-09-2014
- Datum
09-09-2014
- Auteur
mr. N.V.C.E. Bauduin
- JCDI
JCDI:ADS624156:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook Rapport Commissie Erfrecht 2012, p. 25-26 ten aanzien waarvan wordt opgemerkt dat: ‘De commissie vraagt zich af waarom uitsluitend aan erfgenamen en legatarissen een last kan worden opgelegd, en dus niet, bij wijze van ‘sublast’, aan lastbevoordeelden zelf. De commissie vraagt zich af of aan een sublast behoefte bestaat. Zo dat het geval, zal dit artikel moeten worden aangepast.’
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een uiterste wilsbeschikking onder last is in wezen niets anders dan een uiterste wilsbeschikking onder ontbindende voorwaarde. Dit wordt in art. 4:131 lid 1 BW tot uitdrukking gebracht. Art. 4:131 lid 1 BW bepaalt dat een erfgenaam of legataris op wie een last rust, zijn recht verkrijgt onder de ontbindende voorwaarde dat het wegens niet-uitvoering van de last vervallen wordt verklaard door de rechter. Door het verbinden van een last aan een uiterste wilsbeschikking maakt de erflater anders gezegd de werking van de betreffende uiterste wilsbeschikking voor de erfgenamen of legatarissen op wie de last rust, afhankelijk van het wel of niet uitvoeren van de last en daarmee dus indirect van hun wil. Voeren zij de last uit, dan behouden zij hun recht op het erfgenaamschap resp. het legaat. Voeren zij de last evenwel niet uit, dan kan hun recht door de rechter vervallen worden verklaard. De last is dus een ontbindende voorwaarde, zij het voor de erfgenaam of legataris die een recht onder een last heeft verkregen en dus niet voor degene die op grond van een last bevoordeeld kan worden.1
Voor de aard van de last verwijs ik naar paragraaf 5.4. Hierin komt naar voren dat ten aanzien van het bepalen van de inhoud van de last een heel soepel bepaaldheidsvereiste geldt, dat ruimte biedt voor subjectieve elementen van anderen en daarmee dus voor wilsdelegatie. Enkel het noemen van het doel van de verplichting volstaat. Kunnen aan de last ook (net zoals aan makingen) voorwaarden worden gekoppeld, waarmee de werking van de last afhankelijk wordt gemaakt van andermans wil?