Verbondenheid in het belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/7.3.9.4:7.3.9.4 Aanbevelingen
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/7.3.9.4
7.3.9.4 Aanbevelingen
Documentgegevens:
Dr. R.N.F. Zuidgeest, datum 20-11-2008
- Datum
20-11-2008
- Auteur
Dr. R.N.F. Zuidgeest
- JCDI
JCDI:ADS602950:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Deelnemingsvrijstelling
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voor het concernbegrip in de generieke inkoopbepaling van art. 10c lid 1 Wet VPB 1969 wil ik uitgaan van hetzelfde begrip ‘concern’ als in paragraaf 7.3.3 is verdedigd ten aanzien van de afschrijvingsfaciliteit van art. 8 lid 6a onderdeel a Wet VPB 1969.
Ten aanzien van de specifieke inkoopregeling van art. 10c lid 2 Wet VPB 1969 acht ik de koppeling met het begrip ‘verbonden vennootschap’ in de zin van art. 10a lid 7 Wet LB 1964 in beginsel correct. Ik meen echter dat in de regeling voor aandelenoptierechten voor de loonbelasting beter zou kunnen worden gesproken van het begrip ‘verbonden lichaam’ in de zin van art. 10a lid 4 Wet VPB 1969. Hieruit volgt dat dit begrip ook in art. 10c lid 2 Wet VPB 1969 zou moeten worden gehanteerd. In hoofdstuk 9 ga ik nader in op deze aanbeveling.