Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders
Einde inhoudsopgave
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/6.4.2:6.4.2 Aantasting individuele transacties van een LBO niet mogelijk of zinvol
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/6.4.2
6.4.2 Aantasting individuele transacties van een LBO niet mogelijk of zinvol
Documentgegevens:
mr. J. Barneveld, datum 18-09-2013
- Datum
18-09-2013
- Auteur
mr. J. Barneveld
- JCDI
JCDI:ADS406881:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie over de juridische en financiële structuur van de LBO par. 2.5.
In Amerika wordt het krediet soms formeel aangetrokken door de acquisitievennootschap, waarbij het doelwit zich garant stelt jegens de banken voor de terugbetaalverplichting. Economisch gezien komt dit op hetzelfde neer: het doelwit financiert haar eigen overname.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals eerder aangegeven,1 bestaat een LBO doorgaans uit een aantal stappen die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn: (i) het doelwit trekt bancaire financiering aan en verschaft in het kader daarvan zekerheden op haar activa, (ii) de koper richt een marginaal gekapitaliseerde acquisitievennootschap op die de aandelen in het doelwit verwerft, (iii) het doelwit hevelt het door haar aangetrokken vermogen over naar de acquisitievennootschap2 en (iv) de acquisitievennootschap wendt de verworven gelden aan voor de betaling van de koopprijs van de aandelen. Het is doorgaans niet mogelijk of weinig zinvol om (met behulp van de fraudulent transfer-regeling) de individuele stappen waaruit de LBO bestaat, aan te tasten. Het aantrekken van het krediet tegen zekerheidsverstrekking door de doelwitvennootschap kan immers moeilijk worden aangemerkt als een transactie waarvoor de vennootschap geen gelijkwaardige vergoeding ontving. Aantasting van de (door) lening of uitkering aan de acquisitievennootschap is doorgaans weinig zinvol, omdat de aandelen in de doelwitvennootschap de enige vermogensbestanddelen van de acquisitievennootschap zijn. Ten slotte kan de betaling van de acquisitievennootschap aan de verkopende aandeelhouders niet worden aangemerkt als een transactie van de schuldenaar/doelwitvennootschap en evenmin als een transactie waarvoor geen gelijkwaardige vergoeding is gekregen: tegenover de betaling aan de aandeelhouders staat immers de verkrijging van de aandelen. Als de curator de fraudulent transfer-bepalingen louter zou kunnen inroepen tegen de individuele stappen van de transactie, zou dit leerstuk geen noemenswaardige bescherming kunnen bieden tegen LBO’s die crediteuren benadelen.