Einde inhoudsopgave
RvdW 2010, 667
Een man vermoordt zijn echtgenote en zijn schoonmoeder en pleegt kort daarna zelfmoord. De moordenaar wordt niet uitgesloten van de nalatenschap van zijn echtgenote nu hij niet bij rechterlijk gewijsde wegens de moord is veroordeeld. Onderzoek naar de betrokkenheid van de broer van de moordenaar — een politieagent — komt pas na maanden op gang, en dan nog pas na een klacht van verzoekers.
EHRM 01-12-2009, ECLI:CE:ECHR:2009:1201JUD006430101 (Velcea et Mazare/Roemenië)
- Instantie
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
- Datum
1 december 2009
- Magistraten
J. Casadevall, E. Fura, C. Bîrsan, B. M. Zupančič, A. Gyulumyan, E. Myjer, A. Power
- Zaaknummer
64301/01
- LJN
BL6889
- Roepnaam
Velcea et Mazare/Roemenië
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Erfrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:CE:ECHR:2009:1201JUD006430101, Uitspraak, Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 01‑12‑2009
- Wetingang
Essentie
Velcea en Mazăre tegen Roemenië.
Een man vermoordt zijn echtgenote en zijn schoonmoeder en pleegt kort daarna zelfmoord. De moordenaar wordt niet uitgesloten van de nalatenschap van zijn echtgenote nu hij niet bij rechterlijk gewijsde wegens de moord is veroordeeld. Onderzoek naar de betrokkenheid van de broer van de moordenaar — een politieagent — komt pas na maanden op gang, en dan nog pas na een klacht van verzoekers.
EHRM: Er is twijfel mogelijk over de onafhankelijkheid van de militaire vervolgende autoriteiten die het onderzoek hebben geleid, aangezien de broer een politieagent was en onderdeel uitmaakte van dezelfde ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.