Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/70.2.1
70.2.1 Elektronische besluiten
prof. mr. A.G.A. Nijmeijer, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
prof. mr. A.G.A. Nijmeijer
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Uitgebreider daarover W.R. van der Velde & J. van der Velde, ‘Digitalisering binnen de ruimtelijke ordening’, TBR 2008/29 en hun ‘Digitalisering binnen de ruimtelijke ordening (vervolg)’, TBR 2008/186.
Bijv. ABRvS 19 september 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3067 m.n. r.o. 18.2.
Zie de bijdrage van Rosa Uylenburg aan deze bundel.
Van Eck gebruikt als definitie voor geautomatiseerde besluiten: besluiten in de zin van art. 1:3 Awb die tot stand komen door een systeem dat automatisch handelt – dat wil zeggen zonder dat menselijke tussenkomst vereist is, zie M.B.A. van Eck, Geautomatiseerde ketenbesluiten & rechtsbescherming, Tilburg: Tilburg University 2018, p. 43. In de memorie van toelichting bij het in de inleiding genoemde wetsvoorstel Wet elektro- nisch bestuurlijk verkeer, worden geautomatiseerde besluiten overigens elektronische besluiten genoemd…. Zie Kamerstukken II 2001/02, 28 483, 3, p. 7.
Stb. 2008, 145, p. 50.
Het elektronisch vaststellen van ruimtelijke plannen en besluiten ziet de Wrowetgever als een belangrijk hulpmiddel om de efficiency en effectiviteit in de communicatie tussen overheden onderling, tussen overheden en burgers, de transparantie van overheidshandelen en de toegankelijkheid van deze plannen en besluiten en de processen voor burgers, te optimaliseren.1 De verplichting om besluiten elektronisch vast te stellen, is neergelegd in artikel 1.2.3 van het Bro. Het artikel bepaalt: ‘Een visie, plan, besluit en verordening als bedoeld in artikel 1.2.1, eerste lid, in voorkomend geval met de daarbij behorende toelichting of onderbouwing, worden elektronisch vastgesteld. Van een zodanig elektronisch document wordt tevens een papieren versie gemaakt.’
Elektronische besluitvorming is dus de standaard voor de meeste besluiten die op grondslag van de Wro worden genomen. Niet alleen het voor de ruimtelijke ordening wezenlijke bestemmingsplan wordt elektronisch vastgesteld, maar bijvoorbeeld ook provinciale ruimtelijke verordeningen en ruimtelijke beleidsstukken, die in hoofdstuk 2 van de Wro ‘structuurvisies’ worden genoemd.2
Uylenburg geeft een omschrijving van hetgeen zij onder digitale besluiten verstaat. Zij schrijft: 3
‘Digitale besluiten kunnen worden omschreven als besluiten (in de zin van artikel 1:3 Awb) waarbij de uitkomst van een digitaal systeem (het softwareprogramma of ‘de computer’) bepalend is voor de inhoud van het besluit. Vaak wordt bij digitale besluiten gedacht aan de situatie ‘computer says no’. Dan wordt ook wel gesproken van geautomatiseerde besluiten. Dat betreft digitale besluiten waarbij er geen sprake meer is van enige menselijke tussenkomst nadat de, gelet op het toetsingskader voor het besluit relevante, gegevens in het systeem zijn ingevoerd.’
Een elektronisch besluit als bedoeld in artikel 1.2.3 Bro, past naar mijn idee niet in de omschrijving van digitale besluiten zoals door Uylenburg geformuleerd. Het is ook geen geautomatiseerd besluit, zoals door Van Eck gedefinieerd.4 Zo- wel bij digitale besluiten als bij geautomatiseerde besluiten, genereert de computer een resultaat dat de mens kan begrijpen. Een elektronisch besluit als bedoeld in het Bro, is een verzameling geometrisch bepaalde objecten die is opgeslagen in een digitaal ruimtelijk informatiesysteem. De informatie is een voor de mens onleesbaar technisch formaat (GML).5 Anders dan bij een digitaal besluit, is bij een elektronisch besluit niet alleen het genereren van de uitkomst afhankelijk van een digitaal systeem, maar bestaat de beslissing van het bestuursorgaan als zodanig enkel in de vorm van een elektronisch bestand. Ik spreek daarom in deze bijdrage bewust van elektronische besluiten en niet van digitale of geautomatiseerde besluiten.