Einde inhoudsopgave
Open normen in het Europees consumentenrecht (R&P nr. CR4) 2011/9.7.1
9.7.1 Het inhoudelijke criterium
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon, datum 31-08-2011
- Datum
31-08-2011
- Auteur
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon
- JCDI
JCDI:ADS493617:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Calais-Auloy 1970, p. 37; Raymond 2008b, nr. 230.
Commission des lois 2007, p. 28.
Raymond 2008a, nr. 35.
'Hardnekkig en ongewenst aandringen per telefoon, fax, e-mail of andere afstandsmedia behalve indien er, voorzover gerechtvaardigd volgens de nationale wetgeving, wordt beoogd een contractuele verplichting te doen naleven. Dit doet geen afbreuk aan artikel 10 van Richtlijn 97/7/EG en aan de Richtlijnen 95/46/EG (1) en 2002/58/EG.'
Raymond 2008a, nr. 37.
Commission des lois 2007, p. 57.
Amendementen nr. 783 en 1297.
'Vragen om onmiddellijke dan wel uitgestelde betaling of om terugzending of bewaring van producten die de handelaar heeft geleverd, maar waar de consument niet om heeft gevraagd, tenzij het product een vervangingsgoed is zoals bedoeld in artikel 7, lid 3, van Richtlijn 97/7/EG (niet-gevraagde leveringen).'
'Het uitbuiten door de handelaar van bepaalde tegenslagen of omstandigheden' en 'het dreigen met maatregelen die wettelijk niet kunnen worden genomen.'
Raymond 2008a, nr. 37.
Fenouillet 2005, p. 1059 e.v.
Projet de loi en faveur des consommateurs, p. 4. Zie ook Cornu 2007/08, p. 110.
In de literatuur wordt aangenomen dat sprake is van een gradatie tussen de drie genoemde gedragingen: Boursier-Mauderly 2008, p. 6 e.v.
CA Parijs 14 mei 2009, nr. 09/03660, D 2009, p. 1475.
Raymond 2006, nr. 31.
Raymond 2008b, nr. 231.
597. Begin jaren zeventig werd in de Franse literatuur al over agressieve verkooppraktijken als zodanig geschreven.1 Hoewel de agressieve praktijk geen onbekend fenomeen is, vormt het een nieuw juridisch begrip. 2 Een algemene norm ter bestrijding van agressieve handelspraktijken bestond naar Frans recht nog niet.3Art. 8 en 9 richtlijn zijn omgezet in art. L.122-11C. conso. Dit artikel luidt (de latere aanpassingen in de LME ten opzichte van de loi Chatel zijn onderstreept):
7. Une pratique commerciale est agressive lorsque du fait de sollicitations répétées et insistantes ou de l'usage d'une contrainte physique ou morale, et compte tenu des circonstances qui l'entourent:
1° Elle altère ou est de nature à altérer de manière significative la liberté de choix d'un consommateur;
2° Elle vicie ou est de nature à vicier le consentement d'un consommateur;
3° Elle entrave l'exercice des droits contractuels d'un consommateur.
H Afin de déterminer si une pratique commerciale recourt au harcèlement, à la contrainte, y compris la force physique, ou à une influence injustifiée, les éléments suivants sont pris en considération:
1° Le moment et l'endroit oit la pratique est mise en mum, sa nature et sa persistance;
2° Le recours à la menace physique ou verbale;
3° L'eacploitation, en connaissance de cause, par le professionnel, de tout malheur ou circonstance particulière d'une gravité propre à altérer le jugement du consommateur, dans le but d'influencer la décision du consommateur à l'égard du produit;•
4° Tout obstacle non contractuel important ou disproportionné imposé par le professionnel lorsque le consommateur souhaite faire valoir ses droits contractuels, et notamment celui de mettre fin au contrat ou de changer de produit ou de foumisseur;
5° Toute menace d'action alors que cette action n'est pas légalement possible.'
In de aanhef van art. L.122-114 wordt de agressieve gedraging gedefmieerd als een hardnekkig aandringen of de uitoefening van lichamelijke of morele dwang. In de aanhef van art. L. 122-1141 wordt de agressieve gedraging, in lijn met de richtlijn, ruimer gedefmieerd als intimidatie, dwang, inclusief het gebruik van lichamelijk geweld, of een ongepaste beïnvloeding. Wat opvalt, is dat de verwijzing naar de intimidatie en de ongepaste beïnvloeding, de omstandigheden van het geval en de gezichtspunten uit art. 9 richtlijn pas in een later stadium in de Franse wet zijn opgenomen, na een interventie van de Commissie Er was lange tijd onenigheid over de noodzaak om de lijst gezichtspunten over te nemen (par. 9.3.4). In art. L. 122-114lid 1, 2 en 3 is steeds het eerste deel van het effectcriterium opgenomen (de inperking van de beoordelingsvrijheid). Het besluitcriterium is wederom niet omgezet.
Hierna wordt eerst ingegaan op de omzetting en uitleg van het inhoudelijke criterium uit art. L.122-11 C.conso. en passeren het hardnekkige aandringen en de lichamelijke of morele dwang de revue (par. 9.7.1). Daarna volgt een bespreking van de Franse uitleg van het effectcriterium en de samenhang tussen het inhoudelijke en het effectcriterium (par. 9.7.2).
Het hardnekkige aandringen
598. De `sollicitations répétées et insistantes' uit art. L.122-114 C.conso. komen niet als zodanig voor in art. 8 richtlijn, maar wel, in een meer aangescherpte vorm, in nr. 26 van de zwarte lijst.4 De persistentie van de praktijk wordt voorts als gezichtspunt in art. 9 onder a richtlijn genoemd (art. L. 122-11-11 lid 1). Hardnekkig aandringen kan per telefoon, e-mail, brief of in het kader van colportage plaatsvinden.5 De Franse wetgever heeft het begrip `harcèlement' (`intimidatie') in specifiekere termen willen verwoorden en heeft hiertoe houvast gezocht in de richtlijntekst zelf.6 Dat de term `harcèlement' in het Franse recht eveneens verwijst naar het continu bestoken en teisteren van iemand, heeft er mogelijk voor gezorgd dat de bewoordingen uit praktijk nr. 26 als een goede beschrijving van de praktijk werden beschouwd.
Een aantal leden van de Assemblée nationale heeft tijdens de behandeling van de LME kritiek geuit op de keuze om in art. L.122-1-1 (aanvankelijk de enige paragraaf) het hardnekkige — herhaalde en opdringerige — karakter van de `harcèlement' in plaats van de `harcèlement' zelf als inhoudelijk (gedrags) criterium te hanteren. Deze Kamerleden wezen erop dat het herhaaldelijk aandringen geen vereiste vormt in art. 8 richtlijn en dat de Franse lezing van dit artikel te beperkt zou zijn. De vertaalslag zou volgens hen afbreuk doen aan het overkoepelende karakter van de subnormen ten opzichte van de lijst agressieve praktijken (i.e. de agressieve praktijken uit de lijst voldoen aan de definitie van de subnorm, par. 9.9.2):
`Le caractère répétitif; cumulé avec l'insistance ("répétées et insistantes"), de la pratique commerciale incriminée n'est pas conforme à l'esprit de la Directive, car plus restrictive que la définition donnée par le droit européen:7
Zij pleiten ervoor om de overkoepelende aard van de subnormen ten opzichte van de lijst te herstellen door de kwalificatie `répétées' te schrappen. Om hun pleidooi kracht bij te zetten hebben zij een lijst opgesteld van handelspraktijken die wel als `harcèlement', maar niet als een herhaaldelijk aandringen kunnen worden aangemerkt: praktijk nr. 298 en de praktijken bedoeld in art. 9 onder c en e richtlijn (art. L.122-11-11 lid 3 en 5).9 De LME heeft het algemene begrip `harcèlement' ingevoerd (aanhef art. L. 122-11-11). Ofschoon de strikte formulering van het inhoudelijk criterium in art. L. 122-11-1 aanhef ongewijzigd blijft, wijst art. L. 122-1 MI er thans op dat het inhoudelijk criterium ruimer moet worden opgevat. De begripsmatige aansluiting is evenwel niet optimaal.
De lichamelijke of morele dwang
599. De `contrainte physique ou morale' wordt in de literatuur in verband gebracht met art. 1111 e.v. Cc (de bepalingen inzake het wilsgebrek `violence'). De jurisprudentie over dit artikel bevat vele voor de toepassing van de subnorm bruikbare voorbeelden.10 In de literatuur wordt duidelijk gemaakt dat de richtlijn, anders dan het wilsgebrek, niet de eis stelt dat sprake is van een onwettige praktijk.11 Uit de parlementaire geschiedenis van de loi Chatel blijkt dat de morele dwang uit art. L.122-114 aanhef wordt gelijkgesteld met de destijds niet omgezette 'ongepaste beïnvloeding'.12 Mogelijk is deze opvatting van de wetgever te strikt daar dwang en beïnvloeding op verschillende Vegrés de pression' wijzen.13 Art. L. 122-11-11 aanhef verwijst sinds de door de LME doorgevoerde wetswijziging naar de 'ongepaste beïnvloeding' (`influence injustifiée'), zonder deze praktijk nader te definiëren (art. 2 onder j richtlijn is niet omgezet). Net als bij de intimidatie, sluiten art. L. 122-11-1 en art. L. 122-11-11 terminologisch niet goed op elkaar aan.
In de praktijk is vastgesteld dat een gezamenlijke aanbieding van diensten, waarin de consument die een sportkanaal wil aanschaffen eveneens een ADSLabonnement moet afsluiten, geen 'dwang' vormt. De keuzevrijheid van de gemiddelde consument wordt niet ingeperkt daar hij kan afzien van het sportkanaal.14 Het eerste deel van het effectcriterium — de beperking van de keuzevrijheid — vormt een belangrijk criterium om een onderscheid te maken tussen de wel en niet toegestane beïnvloeding.
600. De strikte dan wel ruime uitleg van het inhoudelijk criterium bij de agressiesubnorm hangt af van de vraag in hoeverre de Franse rechter en toezichthouder de aanhef uit art. L.122-11-1 in het licht van het later toegevoegde art. L. 122-11-II en de daarin vermelde gezichtspunten zullen uitleggen. De toets is door de verwijzing naar de omstandigheden van het geval in art. L. 122-1141 duidelijk concreet bedoeld.15 Dat de lijst gezichtspunten limitatief wordt opgevat, valt in het kader van de strafrechtelijke handhaving van de norm niet uit te sluiten. Bij deze wijze van handhaving is ook de opzet van de handelaar van belang.16