De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/17.6.4.2:17.6.4.2 De oorspronkelijke aandeelhouder en art. 2:8 BW
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/17.6.4.2
17.6.4.2 De oorspronkelijke aandeelhouder en art. 2:8 BW
Documentgegevens:
F. Eikelboom, datum 01-06-2017
- Datum
01-06-2017
- Auteur
F. Eikelboom
- JCDI
JCDI:ADS363694:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HR 11 juli 2014, NJ 2014, 388 en 389 m.nt. Van Schilfgaarde, JOR 2014/263 en 264 m.nt. Josephus Jitta (Novero).
Zie onder meer Compendium 2013, p. 186 en Asser/Maeijer & Kroeze 2-I*, nr. 224.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Aandeelhouders zijn als lid van de aandeelhoudersvergadering betrokken bij de organisatie van de rechtspersoon. Het gevolg daarvan is dat zij behoren tot de kring waarbinnen de redelijkheid en billijkheid van art. 2:8 BW in acht moet worden genomen. Aan het aandeelhouderschap wordt echter (al dan niet tijdelijk) een eind gemaakt, indien de ondernemingskamer alle aandelen ten titel van beheer overdraagt. Dat de oorspronkelijke aandeelhouder daarna niettemin nog steeds behoort tot de kring van art. 2:8 BW, is impliciet af te leiden uit de eerste en tweede Novero-beschikking.1
In de eerste Novero-beschikking oordeelde de Hoge Raad dat de redelijkheid en billijkheid nopen tot een billijke afweging van de belangen van de betrokken partijen alvorens onmiddellijke voorzieningen worden getroffen. In de tweede Novero-beschikking oordeelde de Hoge Raad deze billijke belangenafweging ook moet worden gemaakt bij de beoordeling van verzoeken tot wijziging of beëindiging van de onmiddellijke voorzieningen. Tevens blijkt uit die beschikking dat de belangen van de oorspronkelijke aandeelhouder dienen te worden betrokken bij een dergelijk verzoek. Blijkbaar behoort deze dus nog tot de kring van art. 2:8 BW.
Dit sluit ook aan bij het feit dat certificaathouders ook tot deze kring behoren.2