Foutenleer
Einde inhoudsopgave
Foutenleer (FM nr. 95) 2000/9.2.0:Introductie
Foutenleer (FM nr. 95) 2000/9.2.0
Introductie
Documentgegevens:
dr. A.O. Lubbers, datum 01-07-2000
- Datum
01-07-2000
- Auteur
dr. A.O. Lubbers
- JCDI
JCDI:ADS414436:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Aanslag
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Winst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het in hoofdstuk 6, paragraaf 6.2.3.1, besproken arrest HR 29 juni 1988, BNB 1989/1, wordt de foutenleer toegepast om de onjuiste etikettering van een vermogensbestanddeel te herstellen. Het ging daarbij om een pand, dat steeds tot het ondernemingsvermogen is gerekend, doch op grond van een juiste wetstoepassing in een eerder jaar had dienen te worden overgebracht naar het privé-vermogen. Door de oplossing van de Hoge Raad voor het herstel van deze etiketteringsfout kon de stille reserve in de waardering van het pand tot de winst van het oudste nog openstaande jaar worden gerekend. Hierop formuleert de Hoge Raad echter de uitzondering:
(...) indien en voorzover de belastingplichtige aannemelijk maakt dat aldus een hoger bedrag als belasting wordt geheven dan uit een juiste wetstoepassing zou zijn voortgevloeid, of dat het herstel op deze wijze anderszins tot een onredelijke uitkomst leidt. Alsdan dient de inspecteur de belastingplichtige, hetzij met betrekking tot het bedrag van de verschuldigde belasting, hetzij met betrekking tot het tijdstip waarop het herstel plaatsvindt, een redelijke tegemoetkoming te bieden.
De in dit arrest genoemde omstandigheden voor de toekenning van een redelijke tegemoetkoming worden in de volgende paragrafen besproken. In paragraaf 9.2.1 wordt aandacht besteed aan het geval, waarin door het herstel van de fout een hoger bedrag als belasting wordt geheven dan uit een juiste wetstoepassing zou zijn voortgevloeid. De situatie dat een redelijke tegemoetkoming wordt toegekend omdat het foutenherstel anderszins tot een onredelijke uitkomst leidt, komt aan de orde in paragraaf 9.2.2.