Startinformatie in het strafproces
Einde inhoudsopgave
Startinformatie in het strafproces 2014/6.4:6.4 Interne controlemechanismen
Startinformatie in het strafproces 2014/6.4
6.4 Interne controlemechanismen
Documentgegevens:
mr. dr. S. Brinkhoff, datum 29-09-2014
- Datum
29-09-2014
- Auteur
mr. dr. S. Brinkhoff
- Vakgebied(en)
Politierecht / Bevoegdheden
Strafprocesrecht / Voorfase
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Handboek voor de opsporingspraktijk, Stcrt. 2007, 239, p. 11.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voordat een verkennend onderzoek met een bevel van de officier van justitie kan worden aangevangen, dient een zeer uitgebreide procedure binnen het OM te worden doorlopen.1 Een officier die een dergelijk onderzoek wil entameren moet immers allereerst zijn hoofdofficier ertoe bewegen het voornemen tot een dergelijk onderzoek ter toetsing voor te leggen aan de hoofdofficier van het Landelijk Parket. Deze laatste dient in te stemmen met dit voornemen. Daarenboven dient in sommige gevallen zelfs het College van procureurs-generaal zijn toestemming te geven. Aldus ziet de interne controle voornamelijk op de rechtmatigheid van het instellen van een verkennend onderzoek.
Nu het verkennend onderzoek zich richt op grote verzamelingen van personen, valt de geschetste interne procedure vanuit privacyoverwegingen toe te juichen. In ieder geval een (substantieel) deel van deze verzameling van personen zal zich immers geenszins strafbaar hebben gedragen. Zij krijgen niettemin toch van doen met enige inmenging van de politie die geschiedt op een moment dat nog geen strafrechtelijk onderzoek is gestart en er dus ook nog geen sprake is van een concrete verdenking. Het voorgaande illustreert de noodzaak van de gecreëerde interne procedure. Opvallend is wel dat hierin de toetsing van de betrouwbaarheid van de naar aanleiding van het verkennend onderzoek verkregen informatie onderbelicht blijft. Algemene handreikingen worden dienaangaande niet geboden. Hierdoor blijft in algemene zin de vraag onbeantwoord in welke gevallen op basis van de in een verkennend onderzoek verkregen informatie tot de start van een opsporingsonderzoek kan worden overgegaan en een verdenking van strafwaardig gedrag ontstaat.