De kosten van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/6.4.6.5:6.4.6.5 Financiering van enkel de kosten van het onderzoek of enkel de beloning van OK-functionarissen
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/6.4.6.5
6.4.6.5 Financiering van enkel de kosten van het onderzoek of enkel de beloning van OK-functionarissen
Documentgegevens:
mr. P.H.M. Broere, datum 12-05-2022
- Datum
12-05-2022
- Auteur
mr. P.H.M. Broere
- JCDI
JCDI:ADS652264:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het betreft hier uiteraard geen door de Ondernemingskamer benoemde bestuurder, maar een door het Gemeenschappelijk Hof benoemde bestuurder, die ik hier gemakshalve aanduid als OK-bestuurder.
Gem. Hof 14 januari 2014 (r.o. 2.1-2.2), ARO 2014/49 (TC); Gem. Hof 25 maart 2014 (r.o. 1.3), ARO 2014/79 (TC).
OK 9 maart 2018 (r.o. 3.6-3.7), ARO 2018/104 (Agora Shipping & Trading).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een financier kan bereid zijn slechts de kosten van het onderzoek of slechts de beloning van OK-functionarissen te financieren. Zo was in de Curaçaose enquêteprocedure TC de enquêteverzoeker na gebleken financieringsonmacht aan de zijde van de rechtspersoon slechts bereid de kosten van het onderzoek te financieren; niet ook de beloning van de OK-bestuurder.1 Het Gemeenschappelijk Hof onthief in deze enquêteprocedure de OK-bestuurder uit zijn functie en gelastte een onderzoek.2 Het Gemeenschappelijk Hof zag in TC dus geen bezwaren in de enkele financiering van de kosten van het onderzoek.
Deze financieringsvoorwaarde kan voor de Ondernemingskamer wel aanleiding vormen op grond van een belangenafweging te komen tot een afwijzing van het enquêteverzoek of (gedeeltelijke) beëindiging van de enquêteprocedure, het onderzoek of de getroffen voorzieningen (par. 6.4.6.1). Zo toonde de enquêteverzoeker zich in Agora Shipping & Trading bereid € 20.000 in de vorm van een renteloze lening aan de rechtspersoon beschikbaar te stellen voor een te benoemen OK-bestuurder, maar niet voor een onderzoeker. De Ondernemingskamer zag echter onvoldoende grond voor de benoeming van een OK-bestuurder zonder dat gelijktijdig een onderzoek in gang wordt gezet. Ondanks de aanwezigheid van gegronde redenen voor twijfel aan een juist beleid of juiste gang van zaken wees de Ondernemingskamer het enquêteverzoek op grond van een belangenafweging af. Daarbij kende de Ondernemingskamer ook belang toe aan de omstandigheid dat de rechtspersoon uiteindelijk draagplichtig zou blijven voor de door de enquêteverzoeker te leen aangeboden gelden, en deze draagplicht de financiële positie van de rechtspersoon verder zou verslechteren.3