De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/5.9.1:5.9.1 Inleiding
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/5.9.1
5.9.1 Inleiding
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949584:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Op grond van artikel 8:4, derde lid, onder b, van de Awb kan geen bezwaar of beroep worden ingesteld tegen beslissingen inzake examens. Hiermee wordt voorkomen dat de bestuursrechter zich mengt in de beoordeling die ten grondslag ligt aan het examen. Het voorgaande betekent evenwel niet dat een student niet bij de bestuursrechter terecht kan komen als hij een geschil heeft over de uitslag van een tentamen of examen. Zoals hierna toegelicht zal worden acht de bestuursrechter het beroep wel ontvankelijk indien de betreffende beoordelingsbeslissing eerst in administratief beroep getoetst is door een ander orgaan en vervolgens beroep wordt ingesteld bij de bestuursrechter tegen de beslissing die is genomen in administratief beroep. Het beroep ziet dan niet op de inhoud van de primaire beoordelingsbeslissing, maar op de vraag of in administratief beroep het juiste besluit is genomen over het geschil inzake deze beoordelingsbeslissing. Deze situatie doet zich voor in het middelbaar beroeps- en hoger onderwijs. In deze sectoren kan administratief beroep worden ingesteld bij het Cbe tegen beslissingen inzake de vaststelling van de uitslag van het tentamen of examen.
In deze paragraaf wordt toegelicht hoe het Cbe tot stand is gekomen, op welke manier het Cbe te werk gaat en welk toetsingskader wordt gehanteerd door het Cbe. Tot 1 augustus 2023 kon de student in het hoger onderwijs, na beroep bij het Cbe, beroep instellen bij het CBHO. Sindsdien staat voor studenten uit zowel het middelbaar beroeps- als hoger onderwijs echter beroep open bij de Afdeling. Nadat deze rechtsgang naar het Cbe en de Afdeling uiteen is gezet wordt dieper ingegaan op de wijze waarop de Afdeling beslissingen inzake examens toetst en welke rol artikel 8:4, derde lid, onder b, van de Awb hierbij speelt.