Einde inhoudsopgave
Gewogen rechtsmacht in het IPR (R&P nr. 148) 2006/5.5
5.5 Beperkt tot commune gevallen
mr. F. Ibili, datum 28-11-2006
- Datum
28-11-2006
- Auteur
mr. F. Ibili
- JCDI
JCDI:ADS436743:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Over deze beslissing uitgebreid, par. 6.4.3.
Art. 6 sub c Convention on choice of courts agreements, ' s-Gravenhage, 30 juni 2005: 'A court of a Contracting State other than that of the chosen court shall suspend or dismiss proceedings to which an exclusive choice of court agreement applies unless: (...) giving effect to the agreement would lead to a manifest injustice or would be manifestly contrary to the public policy of the State of the court seised'. Een geldige forumkeuze in de zin van dit verdrag behoeft geen uitvoering, indien het aangewezen gerecht niet functioneert als gevolg van bijv. oorlog Evenmin behoeft een forumkeuze uitvoering, indien het gekozen gerecht niet meer bestaat, of zodanig is veranderd dat het niet langer beschouwd kan worden als hetzelfde gerecht. Zie Draft Report, M. Dogauchi & T.C. Hartley, Preliminary draft Convention on exclusive choice of court agreements (december 2004), nr. 129.
De partijen kunnen een bevoegde rechter aanwijzen ter kennisneming van geschillen met betrekking tot de ouderlijke verantwoordelijkheid. Een van de voorwaarden is dat de forumkeuze het belang van het kind dient. Ingevolge art. 12 lid 4 Vo-BlIbis wordt de forumkeuze geacht in het belang van het kind te zijn, indien het kind zijn gewone verblijfplaats in een derde staat heeft alwaar een procedure onmogelijk is. Vgl. par. 6.5.5.
Het forum necessitatis van art. 9 sub b en c Rv beperkt zich tot commune gevallen. De forum necessitatis-regeling van het Nederlandse recht vindt geen toepassing indien de procedure bestreken wordt door een internationale bevoegdheidsregeling. Geldt bijvoorbeeld de EEX-Verordening of de Verordening Brussel Ilbis, dan is een beroep op het forum necessitatis van het Nederlandse recht niet meer toegestaan. De algemene waarschuwingsfunctie die art. 1 Rv in dit verband heeft, ontgaat de rechtspraktijk soms. Zie in dit verband Vzngr. Rb. Rotterdam 4 november 2003, NIPR 2004, 161 en Rb. Almelo 27 juli 2005, n.n.g. (rolar. 67514), waarin de rechtsmacht van de Nederlandse rechter beoordeeld wordt volgens art. 9 sub b en/of sub c Rv terwijl in beide gevallen de EEX-Verordening toepasselijk is. In Hof ' s-Gravenhage 21 december 2006, NJF 2006, 154, werd de rechtsmacht ter zake van een echtscheidingsverzoek gebaseerd op art. 9 sub b Rv, terwijl hierop de Verordening Brussel II van toepassing was.1 Uiteraard kunnen forum necessitatis-overwegingen wel een rol spelen indien de internationale bevoegdheidsregeling daarin zelf voorziet. Bij wijze van voorbeeld noem ik art. 6 sub c van het nog niet in werking getreden Haagse Forumkeuzeverdrag 20052 en art. 12 lid 4 Vo-BIIbis.3 Zie par. 6.4.3 en 7.2.4 voor nadere beschouwingen over forum necessitatis in het kader van de Verordening Brussel lIbis resp. de EEX-Verordening.