Financiële controle in het gemeenterecht
Einde inhoudsopgave
Financiële controle in het gemeenterecht (Dissertatieserie Vakgroep Staatsrecht Groningen) 2011/3.5.4:3.5.4 De uiteenzetting van de financiële positie
Financiële controle in het gemeenterecht (Dissertatieserie Vakgroep Staatsrecht Groningen) 2011/3.5.4
3.5.4 De uiteenzetting van de financiële positie
Documentgegevens:
dr. W. van der Woude, datum 21-09-2011
- Datum
21-09-2011
- Auteur
dr. W. van der Woude
- Vakgebied(en)
Overheidsfinanciën (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Daarbij moet op grond van art. 20 lid 2 BBV in ieder geval afzonderlijk aandacht worden besteed aan: de jaarlijks terugkerende arbeidskosten, gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, investeringen, de financiering, de stand en het verloop van de reserves en de stand en het verloop van de voorzieningen.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het tweede (en laatste) onderdeel van de fmanciële begroting is de uiteenzetting van de financiële positie. Art. 20 BBV schrijft voor dat hierin uiteen wordt gezet wat de verwachte fmanciële gevolgen zijn van zowel het bestaande als het nieuwe beleid dat in de programma's is opgenomen. De voorliggende begroting moet, met andere woorden, worden doorgerekend.1 Ook in de toelichting op de uiteenzetting moet worden aangegeven waarop de bovengenoemde verwachtingen berusten. Tevens moeten eventuele belangrijke ontwikkelingen ten opzichte van de uiteenzetting van de fmanciële positie van het vorige begrotingsjaar worden toegelicht (art. 21 BBV). Voor deze toelichting geldt mijns inziens hetzelfde als hierboven voor de toelichting op het overzicht van baten en lasten is opgemerkt.