Open normen in het Europees consumentenrecht
Einde inhoudsopgave
Open normen in het Europees consumentenrecht (R&P nr. CR4) 2011/2.9.1:2.9.1 Gebrek aan waarborgen voor een coherente uitleg in de richtlijn zelf
Open normen in het Europees consumentenrecht (R&P nr. CR4) 2011/2.9.1
2.9.1 Gebrek aan waarborgen voor een coherente uitleg in de richtlijn zelf
Documentgegevens:
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon, datum 31-08-2011
- Datum
31-08-2011
- Auteur
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon
- JCDI
JCDI:ADS492423:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
77. De definitie van een oneerlijk beding uit art. 3 lid 1 richtlijn biedt weinig houvast bij de uitleg van de open norm. Wel stelt het verstoringscriterium de toetsingswijze bestaande uit het opmaken van een balans voorop. Ter invulling van die norm verschaft de richtlijn voorts enkele gezichtspunten in art. 4 lid 1 en ov. 16 considerans alsmede een indicatieve lijst. De interpretatie van de goede trouw wordt echter weinig vergemakkelijkt door de algemene en ingewikkelde bewoordingen van art. 4 lid 1 en ov. 16 considerans. De richtlijn bevat verder nauwelijks definities, weinig verhelderende verbindingswoorden en veel voor uiteenlopende interpretaties vatbare begrippen en tournures. De richtlijn laat ook veel in het midden, zoals de omgang in het kader van de toetsing aan art. 3 lid 1 met bedingen die het transparantiebeginsel schenden. Verder is niet duidelijk hoeveel gewicht de in ov. 16 uit het Engelse recht geïnspireerde procedurele gezichtspunten in de schaal mogen leggen (par. 2.5). Doordat de richtlijn van minimum harmonisatie uitgaat (art. 8), is het de nationale wetgever toegestaan om strengere regelgeving, die binnen de reikwijdte van de richtlijn valt, te handhaven: te denken valt aan regels die de bewijslast bij de consument weghalen zoals grijze en zwarte lijsten.