De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen
Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/5.5.4.1:5.5.4.1 Vervulling voorwaarden moet ‘summierlijk’ blijken
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/5.5.4.1
5.5.4.1 Vervulling voorwaarden moet ‘summierlijk’ blijken
Documentgegevens:
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649966:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Als eerste voorwaarde voor toewijzing van de machtiging tot bijeenroeping stelt art. 2:111/221 lid 1 BW dat verzoekers de voorzieningenrechter summierlijk moeten doen blijken dat de in art. 2:110/220 BW gestelde voorwaarden zijn vervuld. Dit wil zeggen dat de verzoekers moeten aantonen dat: (i) zij, al dan niet samen met anderen, het bestuur en de rvc schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen onderwerpen hebben verzocht een algemene vergadering bijeen te roepen, (ii) zij op het moment dat de vennootschap het onder (i) genoemde verzoek ontving, al dan niet samen met anderen, de gestelde kapitaaldrempel haalden, (iii) het bestuur, noch de rvc de gevraagde algemene vergadering binnen de daarvoor gestelde termijn heeft georganiseerd, en (iv) zij op het moment dat de voorzieningenrechter het machtigingsverzoek ontvangt, al dan niet samen met anderen, de gestelde kapitaaldrempel halen. Dat de verzoekers slechts summierlijk hoeven aan te tonen dat aan deze voorwaarden is voldaan, wil zeggen dat een uitvoerige bewijsvoering niet nodig is.