Einde inhoudsopgave
Beginsel en begrip van verdeling (AN nr. 168) 2018/1.6
1.6 Terminologie
mr. T.H. Sikkema, datum 01-06-2018
- Datum
01-06-2018
- Auteur
mr. T.H. Sikkema
- JCDI
JCDI:ADS346783:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
MvA II, Parl. Gesch. Boek 3, p. 612; TM, Parl. Gesch. Boek 3, p. 611. Zie ook par. 1.1.
Zie ook Kleijn 1969, p. 14 e.v.
Vergelijk HR 3 mei 1989, ECLI:NL:HR:1989:AB8421, NJ 1990, 103 m.nt. E.A.A. Luijten, r.o. 4.3: ‘Verdeling van een gemeenschap geschiedt immers bij een meervoudige rechtshandeling die tot stand komt door aanbod en aanvaarding daarvan.’
TM, Parl. Gesch. Boek 3, p. 618: ‘Nu aan de deling geen declaratieve maar een zuiver obligatoire werking wordt toegekend (...).’ Zie ook: Asser/Perrick 3-V 2015, nr. 168, met dien verstande dat Perrick de hier bedoelde overeenkomst duidt als de overeenkomst tot ver-deling en de uitvoering van de overeenkomst tot verdeling als toedeling. Zie anders: Van Mourik 2012, nr. 6.2.
TM, Parl. Gesch. Boek 3, p. 618; MvA II, Parl. Gesch. Boek 3, p. 619-620: ‘(...) deze toepassing [volgt] reeds uit artikel 6.5.4.1 lid 2 [thans art. 6:261 lid 2 BW, THS].’ Zie ook Asser/Perrick 3-V 2015, nr. 172. Zie anders Van Mourik 2012, nr. 6.2.
De hier bedoelde ‘Babylonische spraakverwarring’ onderscheidt zich van de oorspronkelijke versie doordat wel dezelfde taal wordt gesproken, maar aan dezelfde bewoordingen een andere betekenis wordt gehecht (vergelijk Bijbel, Genesis 11:1-9).
De wetgever heeft gemeend dat iedere rechtshandeling als verdeling moet worden aangemerkt, indien daarop de bijzondere voor verdeling geschreven regelingen van toepassing behoren te zijn.1 Om deze reden wordt ook wel gezegd dat van het wettelijke verdelingsbegrip van art. 3:182 BW een absorberende werking uitgaat.2 Zo heeft deze absorberende werking tot gevolg dat naast verdelingen die door partijen als zodanig zijn overeengekomen ook anders betitelde rechtshandelingen door het wettelijke verdelingsbegrip als verdeling worden gekwalificeerd.
In deze studie zal ik onderscheid maken tussen de verdeling ‘in strikte zin’ en de verdeling ‘anders dan in strikte zin’. Als verdeling in strikte zin beschouw ik de rechtshandeling van verdeling die door de deelgenoten als zodanig is overeengekomen. Als verdeling anders dan in strikte zin beschouw ik de rechtshandeling die in materiële zin aan de eisen van het wettelijke verdelingsbegrip voldoet en als zodanig als verdeling moet worden aangemerkt, zonder dat er sprake is van een rechtshandeling in strikte zin. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan een als verdeling aan te merken koop. Ten slotte wil ik ter voorkoming van misverstand de lezer erop wijzen dat in deze studie tot uitgangspunt zal worden genomen dat de rechtshandeling van verdeling de causa voor de levering is en dat de verdeling niet tevens de levering ter uitvoering van de verdeling omvat.3 Ik beschouw de verdeling als een meerzijdige rechtshandeling4 waarbij een of meer partijen jegens een of meer andere partijen een verbintenis aangaan in de zin van art. 6:213 BW (obligatoire overeenkomst)5 en waarop in beginsel de bepalingen omtrent wederkerige overeenkomsten toepasselijk zijn.6 Voor een verantwoording van deze terminologische afbakening verwijs ik naar paragraaf 4.3. Ik hoop hiermee een ‘Babylonische spraakverwarring’ te hebben voorkomen.7