Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/967
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op voertuig onder klager t.z.v. verdenking van rijden zonder geldige tenaamstelling. Motivering beschikking. Heeft Rb (enkelvoudige raadkamer) haar beschikking toereikend gemotiveerd gelet op wat raadsman bij behandeling van klaagschrift in raadkamer heeft aangevoerd? Bij de beoordeling van klaagschrift van beslagene dat is gericht tegen beslag dat is gelegd o.g.v. art. 94 Sv, moet rechter a. beoordelen of belang van strafvordering het voortduren van beslag vordert en, zo nee, b. teruggave van inbeslaggenomen voorwerp gelasten aan beslagene, tenzij ander redelijkerwijs als rechthebbende t.a.v. voorwerp moet worden beschouwd. Belang van strafvordering houdt hierbij verband met het veiligstellen van belangen waarvoor art. 94 Sv inbeslagneming toelaat. Bij die belangen kan het gaan om het aan de dag brengen van waarheid (ook in zaak betreffende ander dan klager) of om het aantonen van w.v.v. Belang van strafvordering vordert ook het voortduren van beslag als niet hoogst onwaarschijnlijk is dat later oordelende strafrechter de verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer van voorwerp zal bevelen, al dan niet naar aanleiding van afzonderlijke vordering daartoe a.b.i. art. 36b lid 1 onder 4 Sr jo. art. 552f Sv. Rb heeft vastgesteld dat tenaamstelling van het op 18 augustus 2023 onder klager inbeslaggenomen voertuig op 21 april 2023 is geƫindigd, dat voertuig t.t.v. inbeslagneming niet op naam van klager stond, dat klager geen kentekenbewijs of bewijs van tenaamstelling heeft overgelegd en dat er tegen klager een verdenking bestaat wegens het rijden zonder geldige tenaamstelling, waarover OM nog beslissing moet nemen. O.b.v. deze vaststellingen heeft Rb geoordeeld dat strafvorderlijk belang van waarheidsvinding zich verzet tegen opheffing van beslag. Dit oordeel is niet z.m. begrijpelijk, gelet op wat raadsman bij behandeling van klaagschrift in raadkamer heeft aangevoerd en in aanmerking genomen dat niet door Rb is vastgesteld dat nader onderzoek aan voertuig nodig is. Volgt vernietiging en terugwijzing.
HR 15-07-2025, ECLI:NL:HR:2025:1121
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15 juli 2025
- Magistraten
Mrs.Ā V.Ā vanĀ denĀ Brink, T.B.Ā Trotman, R.Ā Kuiper
- Zaaknummer
24/00899 B
- Conclusie
A-GĀ mr.Ā M.E.Ā vanĀ Wees
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Voorfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1121, Uitspraak, Hoge Raad, 15ā07ā2025
ECLI:NL:PHR:2025:563, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 20ā05ā2025
Essentie
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op voertuig onder klager t.z.v. verdenking van rijden zonder geldige tenaamstelling. Motivering beschikking. Heeft Rb (enkelvoudige raadkamer) haar beschikking toereikend gemotiveerd gelet op wat raadsman bij behandeling van klaagschrift in raadkamer heeft aangevoerd? Bij de beoordeling van klaagschrift van beslagene dat is gericht tegen beslag dat is gelegd o.g.v. art. 94 Sv, moet rechter a. beoordelen of belang van strafvordering het voortduren van beslag vordert en, zo nee, b. teruggave van inbeslaggenomen voorwerp gelasten aan beslagene, tenzij ander redelijkerwijs als rechthebbende t.a.v. voorwerp moet worden beschouwd. Belang van strafvordering ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.