Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/408
408 De wet aanpassen en terugvorderen van bonussen
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS365389:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Wijziging van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek en de Wet op het financieel toezicht in verband met de bevoegdheid tot aanpassing en terugvordering van bonussen en winstdelingen van bestuurders en dagelijkse beleidsbepalers en deskundigheidstoetsing van commissarissen (32 512). De wet geldt voor alle naamloze vennootschappen eìn voor banken of verzekeraars die worden gedreven in de vorm van een besloten vennootschap, coöperatie of onderlinge waarborgmaatschappij. De regeling in de Wft geldt voor alle financiële ondernemingen. Zie over dit wetsvoorstel het artikel dat Alexander Schild en ik eerder schreven: Lokin & Schild 2012; Zie ook Lokin 2014; Lokin 2015; Lennarts & Meijer-Wagenaar 2011.
Naast deze drie leden is ook het al eerder behandelde 2:135 lid 5a BW door deze wet ingevoerd.
Kamerstukken II, 2010/11, 32 512, nr. 3, p. 1. Daarbij dient te worden opgemerkt dat uit de parlementaire geschiedenis blijkt dat het versterken van deze positie voornamelijk moet plaatsvinden door het verduidelijken en nader te concretiseren dat de raad van commissarissen beschikt over de bevoegdheid een bonus terug te vorderen en de hoogte ervan aan te passen. Kamerstukken II, 2010/11, 32 512, nr. 3 (MvT), p. 3.
Het vergroten van de transparantie en de nieuwe regels voor het vaststellen van de bezoldiging hebben niet kunnen voorkomen dat het bezoldigingsdebat de afgelopen jaren weer is opgelaaid. Niet lang na de corporate governance-schandalen wordt de wereld geteisterd door de kredietcrisis die uit zou groeien tot een mondiale financiële crisis. Wederom wordt aan beloningen een negatieve rol toegedicht.
Als reactie op het uitbreken van de financiële crisis worden er diverse initiatieven ontplooid die bezoldigingsmisstanden in de toekomst moeten voorkomen. De Nederlandse wetgever laat zich daarbij niet onbetuigd. De belangrijkste vennootschapsrechtelijke wijziging die in Nederland wordt doorgevoerd ten aanzien van de bezoldiging van bestuurders, is de introductie van een aanpassings- en terugvorderingsbevoegdheid van bonussen en winstdelingen van bestuurders van naamloze vennootschappen en financiële ondernemingen.1 Vier leden voegt deze ‘wet claw back’ toe aan art. 2:135 BW waarmee een redelijkheidtoets (lid 6), een corporate event-regeling (lid 7) en een claw back-bevoegdheid (lid 8) in boek 2 BW worden geïntroduceerd.2 Met deze wijziging van art. 2:135 BW tracht de wetgever de positie van de raad van commissarissen ten opzichte van de bezoldiging van bestuurders te versterken.3