Gewogen rechtsmacht in het IPR
Einde inhoudsopgave
Gewogen rechtsmacht in het IPR (R&P nr. 148) 2006/6.6.7.0:6.6.7.0 Introductie
Gewogen rechtsmacht in het IPR (R&P nr. 148) 2006/6.6.7.0
6.6.7.0 Introductie
Documentgegevens:
mr. F. Ibili, datum 28-11-2006
- Datum
28-11-2006
- Auteur
mr. F. Ibili
- JCDI
JCDI:ADS436755:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
De twee verwijzingsmogelijkheden zijn ontleend aan art. 8-9 HKbV 1996.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wanneer het gerecht van een lidstaat die bevoegd is om ten gronde over een zaak te beslissen van oordeel is dat het gerecht in een andere lidstaat waarmee het kind een bijzondere band heeft beter in staat is de zaak te behandelen, kan hij voor een forum non conveniens-verwijzing twee verschillende wegen bewandelen. Deze twee mogelijkheden staan beschreven in art. 15 lid 1 sub a en art. 15 lid 1 sub b Vo-BIIbis, en verschillen van elkaar al naar gelang de bij de procedure betrokken partijen actief dan wel passief betrokken worden bij de verwijzingsprocedure.1 Een forum non conveniens-verwijzing kan nooit geheel buiten de partijen om worden gerealiseerd. Een forum non conveniens-verwijzing kan plaatsvinden op verzoek van een van de partijen, op initiatief van het behandelende gerecht of op verzoek van het gerecht in een andere lidstaat waarmee het kind een bijzondere band heeft (art. 15 lid 2). Verwijzing op initiatief van het gerecht of op verzoek van het gerecht in een andere lidstaat kan echter slechts plaatsvinden indien zulks door ten minste een van de partijen wordt aanvaard (art. 15 lid 2).