De civielrechtelijke zorgplicht van de beleggingsdienstverlener jegens de niet-particuliere cliënt
Einde inhoudsopgave
De civielrechtelijke zorgplicht van de beleggingsdienstverlener (O&R nr. 101) 2017/2.5.8:2.5.8 Tussenconclusie contractuele deelverplichtingen
De civielrechtelijke zorgplicht van de beleggingsdienstverlener (O&R nr. 101) 2017/2.5.8
2.5.8 Tussenconclusie contractuele deelverplichtingen
Documentgegevens:
I.P.M.J. Janssen, datum 01-03-2017
- Datum
01-03-2017
- Auteur
I.P.M.J. Janssen
- JCDI
JCDI:ADS369142:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een aantal van de precontractuele deelverplichtingen komt ook terug in de contractuele fase. Zo is van de eerste deelverplichting, de informatieplicht, het onderdeel dat de beleggingsdienstverlener correcte, duidelijke en niet-misleidende informatie moet verstrekken in de contractuele fase van overeenkomstige toepassing. De verplichting om op passende wijze in begrijpelijke vorm informatie te verstrekken, krijgt in de contractuele fase een andere invulling. De beleggingsdienstverlener hoeft in de contractuele fase slechts in begrijpelijke vorm passende informatie te verstrekken over ingrijpende wijzigingen die van belang zijn voor de cliënt. Deze verplichting is minder omvangrijk dan in de precontractuele fase. De informatieplicht wordt in de contractuele fase uitgebreid met een zuiver contractuele verplichting, namelijk de rapportageplicht. De tweede contractuele deelverplichting is de onderzoeksplicht. Bij vermogensbeheer en beleggingsadvies loopt de precontractuele onderzoeksplicht in de contractuele fase door. Onder omstandigheden kan ook een contractuele weigeringsplicht op de beleggingsdienstverlener rusten. Dat is de derde deelverplichting. De omvang van de weigeringsplicht is in de contractuele fase groter, maar de reikwijdte blijft wel beperkt tot de niet-professionele cliënt. De beleggingsdienstverlener moet namelijk ook de verplichtingen van de niet-professionele cliënt monitoren, eventueel verzoeken om zekerheden en in het uiterste geval zelfs posities sluiten. Ten vierde is het precontractuele provisieverbod in de contractuele fase van overeenkomstige toepassing. De vijfde deelverplichting, de verplichting tot , is een zuiver contractuele deelverplichting. De beleggingsdienstverlener moet bij de uitvoering van orders alle redelijke maatregelen nemen om het best mogelijke resultaat voor zowel professionele als niet-professionele cliënten te bereiken. De zesde en laatste contractuele deelverplichting is eveneens enkel van toepassing in contractuele verhoudingen. De beleggingsdienstverlener moet bij de verwerking van cliëntorders onmiddellijke, billijke en vlotte uitvoering van orders van zowel professionele als niet-professionele cliënten garanderen ten opzichte van orders van andere cliënten of zijn eigen posities.