Conversie en aandelen
Einde inhoudsopgave
Conversie en aandelen (VDHI nr. 149) 2018/15.7.4:15.7.4 Uitgifte ten laste van een reserve
Conversie en aandelen (VDHI nr. 149) 2018/15.7.4
15.7.4 Uitgifte ten laste van een reserve
Documentgegevens:
mr. P.H.N. Quist, datum 01-02-2018
- Datum
01-02-2018
- Auteur
mr. P.H.N. Quist
- JCDI
JCDI:ADS371824:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook Deel II onder 12.3.5.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ook bevatten sommige werknemersparticipatieplannen de bepaling dat de stortingsplicht ten laste van een vrij uitkeerbare reserve wordt gebracht, zoals de agioreserve. Ik verwijs hiervoor naar 12.3.5, maar behandel deze mogelijkheid omwille van de samenhang ook hier nog kort. Principieel kan tegen de uitgifte van aandelen aan werknemers ten laste van een reserve worden ingebracht dat over een indirect aan de aandeelhouders toekomende reserve wordt beschikt ten behoeve van niet-aandeelhouders. Veelal zonder dat de statuten hiertoe de mogelijkheid openen. Daar valt tegenin te brengen dat het werknemersparticipatieplan doorgaans door de algemene vergadering zal zijn goedgekeurd als onderdeel van het bezoldigingsbeleid van bestuurders in de zin van artikel 2:135 BW, of als onderdeel van de delegatie aan het bestuur tot uitgifte van aandelen in de zin van artikel 2:96 BW. Weliswaar valt hieruit niet de instemming van iedere afzonderlijke aandeelhouder af te leiden (er zijn altijd wel aandeelhouders die zich van stemming hebben onthouden of mogelijk zelfs tegen hebben gestemd) maar naar mijn mening is een zodanige volstorting ten laste van een reserve in beginsel mogelijk. Ervan uitgaande dat het besluit tot uitgifte op de juiste wijze door het juiste orgaan is geschied, het voorkeursrecht voor zover dit al toepasselijk is ten aanzien van de uitgifte op grond van artikel 2:96a/206a op de juiste wijze door het juiste orgaan is uitgesloten, zou een uitgifte ten laste van een reserve mogelijk moeten zijn. Dit besluit zou slechts voor vernietiging als bedoeld in artikel 2:15 lid 1 sub b BW in aanmerking komen indien het in strijd met de redelijkheid en billijkheid zou zijn. Nu toekenning van rechten tot het nemen van aandelen, en de toekenning van aandelen in feite een vorm van beloning is die ook in geld had kunnen worden toegekend, een uitgifte van aandelen aan werknemers in zijn algemeenheid ook in het belang van de vennootschap geacht kan worden te strekken en het meestal om relatief kleine bedragen gaat, lijkt mij een besluit tot uitgifte van aandelen ter uitoefening van opties, welke aandelen ten laste van een reserve worden uitgegeven, in veel gevallen niet in strijd met de redelijkheid en billijkheid.1