Douanewaarde in een globaliserende wereld
Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/12.1.2.3:12.1.2.3 De wijze van vaststelling van de werkelijke waarde
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/12.1.2.3
12.1.2.3 De wijze van vaststelling van de werkelijke waarde
Documentgegevens:
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258759:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een belangrijk doel dat aan de heffing van invoerrechten ten grondslag ligt is het beschermen van de industrie in het land van invoer. Het heffen van invoerrechten biedt bescherming door de waarde die buiten het land van invoer is gecreëerd of toegevoegd te belasten. Concreet is daarom de vraag wat deze waarde (van het ingevoerde goed) omvat. De economische discipline leert dat de werkelijke waarde zo dicht als mogelijk benaderd kan worden door de waarde te bepalen op basis van de prijs die op basis van vraag en aanbod tot stand komt onder ideale vrije marktomstandigheden (onderdeel 2.3.3.1). Daar wordt ook in het douanerecht bij aangesloten. De douanewaarde wordt namelijk op basis van een internationaal geaccepteerd systeem van de WHO (lees: de CVA), vastgesteld op basis van de transactiewaarde van de ingevoerde goederen. Door de transactiewaarde van de ingevoerde goederen aan te merken als de primaire en preferente waarderingsmethode wordt de werkelijke economische waarde zo dicht als mogelijk benaderd, omdat de prijs op basis van vraag en aanbod tot stand komt welke benaderingswijze, zoals hiervoor aangegeven, in de economische discipline wordt voorgestaan. Enige verstoring van de ideale vrije marktomstandigheden moet worden voorkomen bij de totstandkoming van de prijs die op basis van vraag en aanbod wordt bepaald. Daarvoor geldt een aantal voorwaarden voor de toepassing van de transactiewaarde van de ingevoerde goederen (onderdeel 7.5) en moeten bepaalde prijselementen aan de transactiewaarde worden toegevoegd of daarvan worden uitgesloten (hoofdstuk 11). Dat de prijs die tot stand komt bij vraag en aanbod onder ideale vrije marktomstandigheden de meest geëigende methode is om de werkelijke waarde te benaderen volgt ook uit de uitgangspunten die aan de CVA ten grondslag liggen. De CVA beoogt namelijk een billijk, uniform en neutraal systeem in te voeren dat het gebruik van willekeurige of fictieve douanewaarden uitsluit en heeft de transactiewaarde van de ingevoerde goederen als primaire en preferente waarderingsmethode aangemerkt.
De elementen ‘rechtvaardig’, ‘éénvormig’ en ‘neutraal’ hebben de volgende strekking. Rechtvaardig houdt verband met het non-discriminatiebeginsel en beoogt ongelijke behandeling op basis van herkomst van de goederen te voorkomen. Het heeft voorts tot doel dat de douanewaarde niet als non-tarifaire handelsbelemmering fungeert en schept rechten en verplichtingen voor zowel de douaneautoriteiten (onderdeel 6.3.1) als importeurs (onderdeel 6.3.2). Het streven naar eenvormigheid heeft tot doel dat de douanewaardebepaling ongeacht de douanejurisdictie van invoer voorspelbaar is, hetgeen de eenvoud van het stelsel en de rechtszekerheid van de importeur ten goede komt. In Europees verband moet het marktdistorsie voorkomen. Gelet op voornoemde doelstellingen moeten de WHO-leden hun douanewetgeving consistent en coherent aan de CVA vormgeven en heeft de Europese wetgever al sinds de oprichting van de EEG verdere uniformiteit van de douanewaardebepalingen nagestreefd met de uitvaardiging van diverse verordeningen, waarvan thans de verordeningen toebehorend aan het DWU-wetgevingspakket toepassing vinden (onderdeel 3.3.3.5). De neutraliteit heeft tot doel om handelsbelemmeringen en protectionisme tegen te gaan en moet voorts het gebruik van arbitraire en fictieve waarden als douanewaardes uitsluiten. Voorbeelden van arbitraire en fictieve waarden zijn terug te vinden in documenten die aan de totstandkoming van de CVA ten grondslag liggen en omvatten onder andere de American Selling Price (onderdeel 5.3.3.2.1), gefixeerde waardes (onderdeel 5.3.3.2.2), exporting country’s home market prices (onderdeel 5.3.3.2.3) en minimumwaarden (onderdeel 5.3.3.2.4).
Dat wordt gestreefd om de douanewaardebepalingen te laten aansluiten bij eenvoudige en billijke, met de handelspraktijk verenigbare grondslagen houdt verband met het algehele doel van de CVA, zijnde het bevorderen van de (internationale) handel en economie. Het systeem is eenvoudig en billijk indien het zoveel als mogelijk aansluit bij de commerciële handelsdocumenten en de douaneformaliteiten zo spoedig mogelijk worden afgehandeld. Ten aanzien van het streven naar eenvoud moet een balans worden gevonden met het streven om een nauwkeurig, voorspelbaar systeem te ontwikkelen dat in de regel het douanewaardestelsel complexer maakt. Het billijke karakter volgt voorts uit het streven om oneerlijke concurrentie door onderwaardering van de ingevoerde goederen te voorkomen.
De douanewaardebepalingen gaan uit van een positieve waarde conceptie, waarbij de preferente en primaire douanewaarde methode de transactiewaarde van de ingevoerde goederen betreft. Dit betekent dat wordt aangesloten bij de verkoopprijs die partijen met elkaar afspreken. De werkelijk betaalde of te betalen prijs wordt slechts in bepaalde gevallen verhoogd (onderdeel 11.1). In een verhoging van de werkelijk betaalde of te betalen prijs in het geval de prijs lager is dan de marktprijs in het land van oorsprong is niet voorzien. Voorts hebben douaneautoriteiten niet de bevoegdheid om de werkelijk betaalde of te betalen prijs te verhogen indien de prijs lager is dan de marktprijs in het land van oorsprong. De douaneautoriteiten mogen de transactiewaarde namelijk enkel verwerpen als niet aan de voorwaarden voor toepassing van de transactiewaarde van de ingevoerde goederen is voldaan (onderdeel 7.5) of indien zij gegronde twijfels hebben of de aangegeven transactiewaarde overeenstemt met het totaal betaalde of te betalen bedrag voor de ingevoerde goederen zelfs nadat zij de aangever in de gelegenheid heeft gesteld om aanvullende informatie aan te leveren. Op die manier wordt voorkomen dat de douanewaardebepalingen worden gebruikt voor het bestrijden van dumping.