Informatierechten van aandeelhouders
Einde inhoudsopgave
Informatierechten van aandeelhouders (IVOR nr. 134) 2024/6.2.1:6.2.1 Inleiding
Informatierechten van aandeelhouders (IVOR nr. 134) 2024/6.2.1
6.2.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. P.L. Hezer, datum 27-05-2024
- Datum
27-05-2024
- Auteur
mr. P.L. Hezer
- JCDI
JCDI:ADS971901:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Anders dan statuten of reglementen, staan contractuele afspraken omtrent de organisatie van de vennootschap in principe los van de vennootschapsorde. Deze afspraken hebben obligatoire werking en worden beheerst door het verbintenissenrecht. De vennootschapsorde vormt daarentegen een geheel eigen deelrechtsorde die wordt beheerst door rechtspersonenrechtelijke regels. Een van de gevolgen van dit strikte onderscheid is dat aandeelhoudersovereenkomsten buiten het bereik van artikel 2:25 BW vallen.1 Contractuele bepalingen die strijdig zijn met een dwingendrechtelijke bepaling van Boek 2 BW zijn daarom niet per definitie nietig. Dat is anders indien de betreffende contractuele bepaling in strijd is met de openbare orde of goede zeden als bedoeld in artikel 3:40 BW.2 De beginselen van contractsvrijheid en partijautonomie brengen mee dat partijen hierbij een grote mate van vrijheid genieten.
Dit onderscheid tussen de obligatoire aard van de aandeelhoudersovereenkomst en de rechtspersonenrechtelijke deelrechtsorde van de vennootschap laat onverlet dat een bepaalde wisselwerking kan ontstaan tussen aandeelhoudersovereenkomsten en het vennootschapsrecht. In voorkomende gevallen wordt de vennootschappelijke deelrechtsorde mede bepaald door de inhoud en strekking van de aandeelhoudersovereenkomst. In dit verband wordt ook wel gesproken van ‘doorwerking’ van de aandeelhoudersovereenkomst,3 waarover paragraaf 6.2.2 hierna. Deze wisselwerking werkt beide kanten op. Het vennootschapsrecht kan daarmee ook haar weerslag hebben op de uitwerking van contractuele informatierechten, waarover paragraaf 6.2.3 hierna.
Beide vormen van wisselwerking kunnen invloed hebben op de mate waarin aandeelhouders toegang krijgen tot informatie. Partijen dienen zich hiervan bewust te zijn bij het aangaan van aandeelhoudersovereenkomsten, ook – en wellicht, te meer – indien die mede zien op de regulering van informatierechten van aandeelhouders.