Wie heeft de leiding?
Einde inhoudsopgave
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/6.4.1.1:6.4.1.1 Parlementaire geschiedenis
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/6.4.1.1
6.4.1.1 Parlementaire geschiedenis
Documentgegevens:
Dr. mr. B.A.M. Janssen, datum 08-12-2010
- Datum
08-12-2010
- Auteur
Dr. mr. B.A.M. Janssen
- JCDI
JCDI:ADS620958:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken 112005/06, 29 834, nr. 12, p. 16.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Tijdens de parlementaire behandeling van de nieuwe regeling is nauwelijks aandacht geschonken aan het feit dat de grondeigenaar geconfronteerd zal worden met diverse activiteiten (aanleg of instandhouding) die te maken hebben met de aanwezigheid van een net in zijn grond. Een van de weinige passages in de parlementaire behandeling die doelt op die eventuele activiteiten in relatie tot de (in dit geval: gebouw-) eigenaar is de volgende:1
`De bevoegdheden zoals een eigenaar die heeft, behoren voor dit stukje (leiding in gebouw vóór aansluitpunt afnemer, Bi) toe te komen aan de aanlegger of diens rechtsopvolger. Men denke aan inspectie, onderhoud, reparatie, vervanging e.d., en ook aan de overdracht door de aanlegger aan een eventuele rechtsopvolger.'
Met betrekking tot de vraag hoé vervolgens die bevoegdheden van de aanlegger moeten worden geregeld in relatie tot de grond- (of: gebouw)eigenaar, wordt niet verder uitgewerkt. De relatie tussen de grond (of: gebouw)eigenaar en de eigenaar van het net verdient dan ook nog de nodige aandacht én een algemene wettelijke regeling hiervoor zou zeer wenselijk zijn. Enerzijds zou dat door middel van gedoogplichten (analoog aan bijvoorbeeld de Tw) geregeld kunnen worden in diverse separate wetten; anderzijds zou in het burenrecht een algemene regeling gegeven kunnen worden ten aanzien van de rechten of bevoegdheden en verplichtingen van beide eigenaars. Voordat verder ingegaan wordt op een mogelijke aanvullende regeling in het burenrecht, volgt eerst een beschrijving van wat in diverse wettelijke regelingen is (was) geregeld ten aanzien van de verschillende bevoegdheden en gedoogverplichtingen die aanlegger/neteigenaar en grondeigenaar/gebruiker jegens elkaar in acht moe(s)ten nemen bij aanleg en instandhouding van een net.