De kosten van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/2.4.2.2.1:2.4.2.2.1 Inleiding
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/2.4.2.2.1
2.4.2.2.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. P.H.M. Broere, datum 12-05-2022
- Datum
12-05-2022
- Auteur
mr. P.H.M. Broere
- JCDI
JCDI:ADS652398:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Als hiervoor in par. 2.2 beschreven, is de kerntaak van de onderzoeker de uitvoering van het onderzoek in de enquêteprocedure. Werkzaamheden die de onderzoeker buiten die kerntaak uitvoert, komen mijns inziens niet in aanmerking voor vergoeding als kosten van het onderzoek. Een uitzondering zou ik willen aannemen voor de aanbevelingen die de onderzoeker doet ten aanzien van de terinzagelegging van bijlagen bij het onderzoeksverslag, waarover par. 2.3.2. De daarmee gemoeide werkzaamheden behoren niet tot de kerntaak van de onderzoeker, maar komen mijns inziens wel als kosten van het onderzoek voor vergoeding in aanmerking, nu die kosten voldoende verband houden met de kerntaak van de onderzoeker. Dat geldt mijns inziens ook voor de kosten die de onderzoeker maakt bij het nagaan of de kosten van het onderzoek kunnen worden gefinancierd door de geënquêteerde rechtspersoon, waarover ook par. 2.3.1 en par. 6.2.4.
Met de bestaande praktijk van ruime onderzoeksopdrachten en de ruime interpretatie van de vrijheid van de onderzoeker ten aanzien van de inrichting van het onderzoek, zal de onderzoeker niet spoedig buiten zijn onderzoeksopdracht treden. Treedt de onderzoeker niettemin buiten zijn onderzoeksopdracht, dan kan de Ondernemingskamer hem korten op zijn honorarium, ter hoogte van de door de onderzoeker aan het meerdere bestede uren. Tot op heden heeft de Ondernemingskamer dit nog niet gedaan.1
In par. 2.3.3 en par. 2.3.4 beschreef ik dat de taak van de onderzoeker in sommige gevallen wordt uitgebreid met bemiddeling en bindend advies. Ik beschrijf hierna in par. 2.4.2.2.2 en par. 2.4.2.2.3 hoe met de kosten hiervan moet worden omgesprongen. De kosten van andere, (deels) toekomstgerichte taakuitbreidingen, waarover par. 2.3.1, komen mijns inziens niet in aanmerking voor vergoeding als kosten van het onderzoek. Het betreft hier kosten die geen verband houden met de kerntaak van de onderzoeker.
In par. 2.2.4.6 beschreef ik dat het niet aan de onderzoeker is in zijn onderzoeksverslag aanbevelingen te doen over de mogelijkheid tot verhaal van de kosten van het onderzoek op grond van art. 2:354 BW. Iets anders is dat de Ondernemingskamer de onderzoeker wel als deskundige kan aanwijzen bij een geding op de voet van art. 2:354 BW.2 Deze taak houdt geen verband met de kerntaak van de onderzoeker. Wordt de onderzoeker geraadpleegd als deskundige bij de beoordeling van een verzoek op grond van art. 2:354 BW, dan kwalificeren de hiertoe gemaakte kosten mijns inziens niet als kosten van het onderzoek.