Einde inhoudsopgave
Beschadigd vertrouwen 2021/7.5.3.1
7.5.3.1 Opzet en verloop van de maatregelen
G.M. Kuipers MSc, datum 01-09-2021
- Datum
01-09-2021
- Auteur
G.M. Kuipers MSc
- JCDI
JCDI:ADS480682:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Werken aan de toekomst van Schiphol en de regio 2005; Naar een betere relatie tussen luchthaven en omgeving 2006; Schulte, Het Parool 5 mei 2006; Schreuder, NRC Handelsblad 25 april 2006; ‘Schiphol wil geld steken in overlastfonds’, Het Financieele Dagblad 26 april 2006; ‘Miljoenen Schiphol ook naar omwonenden’, Haarlems Dagblad 17 april 2008.
Huijs 2011, p. 460-470.
Bijlage ‘Convenant leefbaarheid’ bij Kamerstukken II 2005/06, 29665, nr. 48, p. 5.
Convenant hinderbeperkende maatregelen 2007.
Convenant leefbaarheid 2007, p. 5.
Convenant leefbaarheid 2007, p. 7-8.
Convenant leefbaarheid 2007, p. 5.
Convenant leefbaarheid 2007, p. 5.
Convenant leefbaarheid 2007, p. 8.
Convenant leefbaarheid 2007, p. 8.
Convenant leefbaarheid 2007, p. 6, 10.
Convenant leefbaarheid 2007, p. 11.
Convenant behoud en versterking mainport functie en netwerkkwaliteit luchthaven Schiphol 2008.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 18.
Convenant hinderbeperking en ontwikkeling Schiphol middellange termijn 2008.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 7.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 8.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 9.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 10.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 11-12; Uitwerking Plan van Aanpak Individuele Schrijnende Gevallen 2008, p. 1.
Uitwerking Plan van Aanpak Individuele Schrijnende Gevallen 2008, p. 2-3, 16-17.
Uitwerking Plan van Aanpak Individuele Schrijnende Gevallen 2008, p. 3-6.
Uitwerking Plan van Aanpak Individuele Schrijnende Gevallen 2008, p. 10, 13-14.
Uitwerking Plan van Aanpak Individuele Schrijnende Gevallen 2008, p. 28.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 12.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 13.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 12-15.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 4.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 15.
Schulte, Het Parool 5 mei 2006; ‘Gedeputeerde zoekt geld voor fonds Schiphol’, Haarlems Dagblad 1 oktober 2007; ‘Mogelijk meer geld voor regio’, Haarlems Dagblad 8 februari 2008.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 15-16.
Convenant omgevingskwaliteit middellange termijn 2008, p. 10, 12.
Akte van oprichting 2008.
Akte van oprichting 2008, p. 2.
Akte van oprichting 2008, p. 4.
Akte van oprichting 2008, p. 8.
Akte van oprichting 2008, p. 16-17; Rapport inzake de jaarrekening 2019.
Akte van oprichting 2008, p. 11-12.
Stcrt. 2009, nr. 14721, p. 2, 4-5.
Stcrt. 2009, nr. 14721, p. 2-3.
Stcrt. 2009, nr. 14721, p. 4.
Stcrt. 2009, nr. 14721, p. 5-7.
Stcrt. 2009, nr. 14721, p. 3.
‘Vliegtuigen scheren pannen van de daken’, NRC Handelsblad 16 juni 1990; Interviews betrokkenen 2020.
Uitwerking Plan van Aanpak Individuele Schrijnende Gevallen 2008, p. 13; Stcrt. 2009, nr. 14721, p. 8.
Stcrt. 2009, nr. 14721, p. 7-8.
Jaarverslag van de Alderstafel over 2010 2011, p. 8-9; Brief aan staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu Atsma 2012, p. 3.
Kamerstukken II 2008/09, 29665, nr. 115; Niet bij steen alleen 2016, p. 5.
Rapport inzake de jaarrekening 2015, p. 7; Niet bij steen alleen 2016, p. 5-6.
Een project in Aalsmeer werd stopgezet omdat de grond niet beschikbaar was en ‘onvoldoende draagvlak onder de bevolking’ (Rapport inzake de jaarrekening 2016 1 mei 2017, p. 8) bleek; als alternatief werd financiering verleend aan een ander project in Aalsmeer: Stichting bevordering kwaliteit leefomgeving Schipholregio, Rapport inzake de jaarrekening 2017, Aalsmeer: Berghoef Accountants en Adviseurs 18 juni 2018, p. 8; Rapport inzake de jaarrekening 2018 1 juli 2019, p. 8.
Jaarverslag van de Alderstafel over 2014 2015, p. 11; Deze bijdrage van € 40.000 stond voor 2017 op de balans: Rapport inzake de jaarrekening 2018, p. 23.
Brief van H. Alders 2013, p. 41.
Evaluatie convenant omgevingskwaliteit 2013, p. 13-14.
Brief van H. Alders 2013, p. 43; Evaluatie convenant omgevingskwaliteit 2013, p. 13; Rapport inzake de jaarrekening 2015, p. 9; Niet bij steen alleen 2016, p. 2-3; Van den Berg, Haarlems Dagblad 18 april 2014.
Rapport inzake de jaarrekening 2015, p. 9.
Rapport inzake de jaarrekening 2015, p. 9; Rapport inzake de jaarrekening 2016, p. 8-9; Rapport inzake de jaarrekening 2017, p. 9.
Evaluatie convenant omgevingskwaliteit 2013, p. 14; Rapport inzake de jaarrekening 2015, p. 7, 10.
Uitwerking Plan van Aanpak Individuele Schrijnende Gevallen 2008, p. 13.
Stcrt. 2009, nr. 14721, p. 8.
Rb. Noord-Holland 19 april 2013, ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ8741.
ABRvS 17 september 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3379.
ABRvS 17 september 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3379.
Interviews betrokkenen 2020.
Jaarverslag 2015 Omgevingsraad Schiphol 2016, p. 16; Rapport inzake de jaarrekening 2017, p. 7.
Niet bij steen alleen 2016, p. 5.
Jaarverslag 2015 Omgevingsraad Schiphol 2016, p. 16; Rapport inzake de jaarrekening 2017, p. 7.
Beleidsplan 2016-2020 2016, p. 3; Niet bij steen alleen 2016, p. 7; blijkbaar is dit mede naar aanleiding van besluitvorming door het College van Advies van de Omgevingsraad eind 2015: Bestemmingsreglement 2016, p. 2; Niet bij steen alleen 2016, p. 2.
Niet bij steen alleen 2016, p. 6.
Beleidsplan 2016-2020 2016, p. 4; Bestemmingsreglement 2016, p. 3.
Bestemmingsreglement 2016, p. 12-13.
Draaiboek werkwijze Gebiedsgerichte projecten 2017, p. 5-6; Methodiek verdeling gebiedsbudgetten 2017, p. 1-2; Selectie Gebieden projecten 2017, p. 2.
Beleidsplan 2016-2020 2016, p. 4; Methodiek verdeling gebiedsbudgetten 2017, p. 2; Selectie Gebieden projecten 2017, p. 3.
Initiatievenfonds SLS 2018, p. 1; Rapport inzake de jaarrekening 2018, p. 10.
Rapport inzake de jaarrekening 2019, p. 14.
Rapport inzake de jaarrekening 2017; Rapport inzake de jaarrekening 2018, p. 9; Oudendijk, Witte Weekblad Aalsmeer 20 februari 2017.
Rapport inzake de jaarrekening 2018, p. 9; Rapport inzake de jaarrekening 2019, p. 7.
Rapport inzake de jaarrekening 2019, p. 8-9.
Boele, Haarlems Dagblad 12 juni 2019.
Voortgangsverslag Stichting Leefomgeving Schiphol 2020, p. 2; Hoenson, Witte Weekblad Aalsmeer 4 juli 2019.
Rapport inzake de jaarrekening 2020, p. 25.
Stichting Leefomgeving Schiphol 2021.
Voortgangsverslag Stichting Leefomgeving Schiphol 2020, p. 10; Rapport inzake de jaarrekening 2020, p. 17.
Niet bij steen alleen 2016, p. 2.
Niet bij steen alleen 2016, p. 4; Bestemmingsreglement 2016, p. 5-8; Draaiboek individueel gedupeerden 2016, p. 2-3.
Toelichting op Bestemmingsreglement 2016, p. 5.
Bestemmingsreglement 2016, p. 5-8; Niet bij steen alleen 2016, p. 9-10.
Niet bij steen alleen 2016, p. 2; Draaiboek individueel gedupeerden 2016, p. 1.
Rapport inzake de jaarrekening 2018, p. 9; Rapport inzake de jaarrekening 2019, p. 14; Rapport inzake de jaarrekening 2020, p. 7.
Rapport inzake de jaarrekening 2019, p. 14.
Voortgangsverslag Stichting Leefomgeving Schiphol 2019, p. 2.
Bestemmingsreglement 2016, p. 7.
Voortgangsverslag Stichting Leefomgeving Schiphol 2020, p. 2.
Rapport inzake de jaarrekening 2014, p. 19; Rapport inzake de jaarrekening 2015, p. 18; Rapport inzake de jaarrekening 2016, p. 19; Rapport inzake de jaarrekening 2017, p. 19; Rapport inzake de jaarrekening 2018, p. 24; Rapport inzake de jaarrekening 2019, p. 27.
Rapport inzake de jaarrekening 2019, p. 17.
Rapport inzake de jaarrekening 2019, p. 17-18; Stichting Leefomgeving Schiphol 2021; Bestemmingsreglement 2021; Toelichting op Bestemmingsreglement 2021.
‘Bijdrage aan onderzoek naar Denoize techniek voor vermindering geluidsoverlast binnenshuis’, Stichting Leefomgeving Schiphol 26 mei 2021.
Ontwerp-Luchtvaartnota 2020-2050 2020, p. 49.
‘Schiphol steunt cultuur, sport en welzijn in omgeving’, ANP 19 december 1994.
‘Schiphol heeft burenfonds; Leimuiden komt in aanmerking voor donatie’, Rijn en Gouwe 17 januari 1995.
‘Schiphol heeft burenfonds; Leimuiden komt in aanmerking voor donatie’, Rijn en Gouwe 17 januari 1995; Van Gruijthuisen & Stil, Het Parool 21 januari 1995.
‘Zaansche Molen krijgt meest van Schipholfonds’, Noordhollands Dagblad 9 januari 2009.
‘Schipholfonds’, Leidsch Dagblad 5 maart 2016; ‘Ruim acht mille Schipholfonds voor ledlampen Meersquash’, Haarlems Dagblad 14 maart 2016.
Zie bijvoorbeeld: ‘Kort – ton voor speelbos’, Het Parool 15 maart 1995; ‘Eerste paal voor nieuw peuterbad van de Kleine Oase’, Rijn en Gouwe 14 februari 1997; ‘Verenigingen krijgen van Schiphol 15 mille’, IJmuider Courant 12 oktober 2007; ‘Een mooi cadeau van 7500 euro’, Leidsch Dagblad 19 januari 2009; ‘Schipholfonds keert weer uit aan sporters’, Haarlems Dagblad 15 juni 2012; Brandsma, Noordhollands Dagblad 12 september 2015; ‘Padel; Wethouder Slegers opent eerste Zaanse padelbanen bij KLTV’, Noordhollands Dagblad 30 september 2019.
‘Meer gemeenten in Schipholfonds; Steun uit verkapte subsidiepot voor instellingen’, Rijn en Gouwe 18 december 1996; ‘Schipholfonds: vijf keer prijs’, IJmuider Courant 28 juni 2008; ‘Schipholfonds wijzigt beleid’, AD/Groene Hart 20 april 2010.
‘Schipholfonds doneert regio 9010 euro’, Leidsch Dagblad 22 november 2011
Zie de werkzaamheden op schipholfonds.nl; Interviews betrokkenen 2020.
‘Carré en as: voor 300 miljoen nieuw groen’, NRC Handelsblad 30 november 1996.
‘Schiphol wil werknemers uit omgeving; Smits belooft voorrang bij sollicitatie’, Het Parool 20 december 1994; ‘Convenant Mainport Schiphol en Groen’, Stcrt. 1996, nr. 235; Ontbinding convenant Mainport en Groen 2014.
‘Schiphol wil werknemers uit omgeving; Smits belooft voorrang bij sollicitatie’, Het Parool 20 december 1994; ‘Convenant Mainport Schiphol en Groen’, Stcrt. 1996, nr. 235; ‘Schiphol stort geld in leefbaarheidsfonds’, Het Financieele Dagblad 23 december 2006.
‘Carré en as: voor 300 miljoen nieuw groen’, NRC Handelsblad 30 november 1996; ‘Je kunt hier echt mooi fietsen’, Haarlems Dagblad 15 oktober 2009; ‘Schiphol is nooit echt ver weg’, Haarlems Dagblad 29 augustus 2011; ‘Door de savanne van Buitenschot’, De Gooi- en Eemlander 8 juni 2012.
‘Ribbels in polder tegen lawaai’, Haarlems Dagblad 28 juni 2010; ‘Ribbels als exportproduct Schiphol’, Haarlems Dagblad 4 februari 2013; ‘Ribbels voor Landartpark’, Cobouw 5 april 2013; Van der Kooij, Noordhollands Dagblad 5 oktober 2013; Interviews betrokkenen 2020.
Ontbinding convenant Mainport en Groen 2014.
Flach, Haarlems Dagblad 27 juni 2014.
Rond de opening van de Polderbaan in 2003 was veel aandacht voor mogelijke overlast voor omwonenden. De luchtvaartsector en de lokale overheden wezen op het belang van leefbaarheid van de regio.1 Na de evaluatie van het Schipholbeleid van 2003-2006 kwam het kabinet in april 2006 met een kabinetsstandpunt waarin het nieuwe beleid jegens Schiphol werd uiteengezet; dit bevatte onder meer de mogelijkheid om door te groeien tot 600.000 vliegbewegingen.2 Vrijwel alle stakeholders uitten kritiek op het gepresenteerde kabinetsbeleid, onder meer vanwege het ontbreken van inbreng van lokale actoren.3 Het ministerie van V&W kondigde na consultatie met alle partijen een nieuwe insteek aan van het Schipholbeleid. Tegelijkertijd met de lopende procedure voor een milieueffectrapportage zouden voor zowel de korte als middellange termijn twee convenanten moeten worden gesloten: een over hinderbeperkende maatregelen, en een over ‘compenserende maatregelen en leefbaarheid’.4 Deze convenanten zouden moeten worden gesloten in een overleg tussen het Rijk, de luchtvaartsector (inclusief de luchthaven Schiphol zelf), de luchtverkeersleiding (LVNL), en lokale bestuurders; de CROS zou hen adviseren. Het Rijk en de betrokken ministers waren ‘regisseur van het proces’.5 Onafhankelijk voorzitter Hans Alders, toenmalig commissaris van de koningin in Groningen, was bereid gevonden om het overleg voor te zitten. De overlegtafel zou daarom bekend worden als de Alderstafel, het Aldersoverleg, of de Tafel van Alders.
Convenanten voor de korte termijn
De Alderstafel presenteerde in juni 2007 de twee convenanten voor de korte termijn,6 die in samenhang moesten worden gezien.7 Het Convenant hinderbeperkende maatregelen bevatte mogelijkheden om de geluidhinder bij de bron te verminderen: meer voorspelbaar baangebruik, aanpassing van (nachtelijke) vliegroutes, het invoeren van ‘idle reverse thrust’ (stiller remmen bij de landing), tariefdifferentiatie zodat nachtverkeer duurder werd, onderzoeken naar grondgeluid en naar geluidhinder in ‘microklimaten’ zoals woonkernen, en verplaatsing van vluchten naar Lelystad Airport.8
Het Convenant leefbaarheid bood compensatie voor plaatsen waar hinderbeperking niet of in mindere mate mogelijk was.9 Gekozen werd voor een tweeledige aanpak: gebiedsgerichte projecten en hulp voor individuen. In drie woongebieden met bouwbeperkingen of verwachte toename van overlast (Zwanenburg en Halfweg, Aalsmeer en Uithoorn, en Uilenstede in Amstelveen) wilde men in overleg met dorpsraden en wijkorganisaties komen tot concrete plannen.10 Partijen concludeerden tevens dat sommige omwonenden of ondernemers binnen huidige regelgeving niet voor isolatie of nadeelcompensatie in aanmerking kwamen, terwijl deze ‘individuele schrijnende gevallen’11 wel hulp behoefden. De provincie Noord-Holland en Schiphol stelden geld beschikbaar om een vangnet te bieden aan ‘gevallen die naar de geest van de wet wel, maar naar de letter van de wet niet in aanmerking komen voor compensatie.’12 De provincie inventariseerde de beoogde doelgroep met een ‘feitelijk onleefbare dan wel onwerkbare situatie’.13 Tot slot vroegen partijen in het convenant aandacht voor betere communicatie voor (toekomstige) bewoners van de 20 Ke-zone waar volgens het kabinetsbesluit geluidsoverlast kon worden verwacht14 over de voor- en nadelen van het wonen rondom de luchthaven.15 Een stichting diende te worden opgericht als uitvoeringsorganisatie om invulling en uitvoering gaan geven aan deze afspraken.16 De kosten van de maatregelen zouden moeten worden verdeeld tussen Schiphol, het Rijk en de lokale overheden.17
Convenanten voor de middellange termijn
In december 2008, een aantal maanden na de streefdatum, kwamen partijen tot hun advies voor de middellange termijn: tot en met 2020.18 Het overleg had geleid tot drie convenanten: naast nieuwe convenanten voor ‘hinderbeperking en ontwikkeling’ en ‘omgevingskwaliteit’ op de middellange termijn, gesloten door dezelfde partijen als in 2007, kwamen de ministers van V&W en VROM samen met Schiphol tot een convenant ‘behoud en versterking mainport functie en netwerkkwaliteit luchthaven Schiphol’19 waarin werd benadrukt dat men bleef streven naar het behoud en de ontwikkeling van Schiphol als mainport. De afspraken vervingen de eerdere convenanten en zouden vierjaarlijks worden gemonitord en geëvalueerd.20
De nieuwe hinderbeperkingen waren gebaseerd op verder overleg en onderzoek na het kortetermijnadvies. Zij bestonden uit: een maximum van 510.000 vliegbewegingen; een nieuw te ontwikkelen normen- en handhavingsstelsel; maatregelen tegen grondgeluid; meer overlastgevende vliegtuigen werden gaandeweg ontmoedigd of verboden; vliegroutes en -tijdstippen werden gewijzigd om overlast te verminderen; de introductie van glijdende landingen (‘continuous descent approaches’); en afspraken over meetsystemen.21
De maatregelen in het Convenant omgevingskwaliteit vormden een vervolg op eerdere afspraken. Doel was ‘een betere afstemming te realiseren tussen wat zich luchtzijdig voltrekt en wat zich ruimtelijk op de grond ontwikkelt’,22 het vergroten van het draagvlak onder bewoners, en het vergroten van bestuurlijk draagvlak voor verdere ontwikkeling van de luchthaven. De maatregelen werden opgedeeld in drie onderdelen: gebiedsgerichte projecten, individuele maatregelen voor schrijnende gevallen, en generieke afspraken.
De gebiedsgerichte projecten moesten in beginsel vallen binnen de 20-Ke geluidscontour23 en door gemeenten worden geïnitieerd, in overleg met dorpsraden, wijk- en bewonersorganisaties en woningbouwverenigingen.24 De projecten dienden degelijk te worden onderbouwd; bij te dragen aan de leefomgeving; een relatie te hebben met problematiek veroorzaakt door Schiphol; te liggen in gebieden die op middellange termijn overlast ervaren; een aanvulling te vormen op overheidsbeleid; en mede gefinancierd te worden door de initiërende gemeenten.25 De projecten die op basis van het eerdere Convenant leefbaarheid waren voorgedragen, zouden met voorrang in behandeling worden genomen.26
De afspraken voor individuen richtten zich op ‘schrijnende gevallen’ die ernstige hinder bleven ervaren ondanks de hinderbeperkende en overige schademaatregelen.27 De compensatie diende in natura plaats te vinden zoals via (aanvullende) isolatie, uitkopen van eigenaren, of (dak-)herstelwerkzaamheden.28 De uitvoerende organisatie diende aanvragers te begeleiden, een luisterend oor te bieden, en de geboden maatregel te laten uitvoeren en controleren.29 De organisatie zou als bestuursorgaan worden aangemerkt, waardoor besluiten op een aanvraag open zouden staan voor bezwaar en beroep open staan voor de aanvrager.30 Men verwachtte zo’n 80 omwonenden te ondersteunen met grotere ingrepen omwille van de woon- en werkkwaliteit en hiernaast jaarlijks ongeveer 150 kleinere herstelwerkzaamheden uit te voeren.31
De generieke afspraken rondom omgevingskwaliteit betroffen: een onderzoek naar revitaliseringsproject ‘Sugar City’ in Haarlemmerliede; meer en ‘vroegtijdige en deugdelijke’32 informatieverstrekking over overlast aan huidige en nieuwe inwoners via reclames, vergunningvoorschriften, en in huur- en koopovereenkomsten; de afspraak dat het ministerie van V&W voorstellen zou doen om de bestaande ‘schade- en geluidsisolatieregelingen budgettair neutraal te verbeteren’;33 de instelling van een werkgroep die de relatie tussen vliegverkeer en gezondheidsklachten zal onderzoeken; het onderzoeken van financiële compensatie van omwonenden via verdiscontering in de onroerendezaakbelasting en een glijdende schaal in de overdrachtsbelasting; en een poging om bouwbeperkingen in het gebied De Scheg in Amstelveen op te heffen.34
Uitvoeringsorganisatie: Stichting bevordering kwaliteit leefomgeving Schipholregio
De uitvoering van de afspraken werd belegd bij een daartoe opgerichte stichting.35 De financiering werd gedeeld door de partijen. De bureaukosten werden gelijkelijk betaald door de provincie Noord-Holland, de gemeente Amsterdam en Schiphol. Hiernaast stelde de luchthaven € 10 miljoen beschikbaar voor de financiering van individuele maatregelen; het Rijk stelde via de minister van V&W € 10 miljoen beschikbaar voor de financiering van gebiedsgerichte projecten, en de provincie stelde € 10 miljoen beschikbaar voor beide doeleinden.36 Dit lijkt het resultaat van een lange onderhandeling, waarin Schiphol en de provincie probeerden het Rijk of de gemeente Haarlemmermeer te laten meebetalen.37 De financiering zou via twee tranches lopen. De eerste tranche liep van 2008-2012, waarna zou worden geëvalueerd en een eventueel bijgestelde tweede tranche kon beginnen waarin partijen wederom in totaal € 30 miljoen zouden bijdragen.38 De stichting diende een reglement op te stellen om vast te stellen hoe de gelden zouden worden verdeeld. Vanwege de beoogde evaluatie in 2012 werd een fatale termijn gecreëerd van 1 januari 2012, waarna aanvragen niet meer in behandeling zouden worden genomen.39
De Stichting bevordering kwaliteit leefomgeving Schipholregio (later kortweg: Stichting Leefomgeving Schiphol) werd in december 2008 opgericht als uitvoeringsorganisatie40 met als doel ‘het bevorderen van de kwaliteit van de woon-, werk- en leefomgeving in de Schipholregio, alles in de ruimste zin van het woord.’41 Het onbezoldigde bestuur van de stichting bestond uit drie tot vijf personen,42 benoemd door een eveneens onbezoldigde raad van toezicht bestaande uit vijf tot tien mensen. De raad van toezicht werd aangewezen door een bestuurlijk overleg dat werd ingesteld in het Convenant leefbaarheid.43 Het bestuur en de raad van toezicht bestaan in de praktijk uit lokale bestuurders en betrokkenen vanuit Schiphol.44 De dagelijkse gang van zaken werd geleid door een directeur en een ondersteunend bureau.45
Eerste tranche
Een jaar na oprichting stelde het bestuur van de Stichting een Bestemmingsreglement vast dat de procedures uiteenzette waarlangs individuen (als ‘schrijnende gevallen’) en gemeenten (via de ‘gebiedsgerichte projecten’) uit de Schipholregio een uitkering van de Stichting konden aanvragen en ontvangen. Aanvragen van personen of gemeenten na 1 oktober 2011 of van aanvragers buiten de geluidscontourgrens van 20 Ke werden niet in behandeling genomen.46
Natuurlijke personen konden als ‘schrijnende gevallen’ een aanvraag indienen. Zij dienden hiervoor een bijdrage (€ 25,-) ter dekking van administratieve kosten te betalen. In principe besloot het bestuur van de Stichting binnen twaalf weken op een aanvraag. De aanvragen werden beoordeeld via de volgende criteria: er moest sprake zijn van een causaal verband tussen Schiphol en de beleefde hinder; de hinder was aantoonbaar en individualiseerbaar; met de uitkering werd een oplossing gecreëerd; er was geen reële alternatieve oplossing; de situatie was niet voorzienbaar; en de hinder was niet reeds gecompenseerd en dit was ook niet mogelijk. Voor de uitkeringen in natura was in principe € 10 miljoen beschikbaar, met aanvullend de € 10 miljoen die aan zowel schrijnende gevallen als gebiedsgerichte projecten kon worden besteed. De individuen die tijdens de totstandkoming van de Aldersakkoorden in beeld waren gekomen, werden met voorrang behandeld.47
Aanvragen voor gebiedsgerichte projecten konden worden ingediend door gemeenten. De aanvraag diende uit een ‘concreet en uitgewerkt voorstel’48 te bestaan, vergezeld door een besluit van het college van burgemeester en wethouders (B&W) met inhoudelijke en financiële onderbouwing. Het bestuur van de Stichting diende in principe binnen twintig weken op de aanvraag te beslissen en rekening te houden met beoordelingscriteria: er moest een relatie bestaan tussen het project en de overlast of beperkingen vanwege Schiphol; het project diende bij te dragen aan de omgeving; het project was tot stand gekomen na dialoog met omwonenden; het project was aanvullend op bestaand beleid, robuust, en tijdsbestendig; en er moest sprake zijn van medefinanciering door de aanvrager en/of door derden. Deze criteria beïnvloedden tevens de hoogte van de uitkering. De uitkeringen vormden een subsidie; voorschotten konden worden vergeven maar de aanvrager diende een (financieel) eindverslag in te dienen zodat een definitieve uitkering en eventuele terugvordering kon worden vastgesteld.49 Ook voor de gebiedsgerichte projecten gold in principe een budgetplafond van € 10 miljoen, aan te vullen door de € 10 miljoen die ook ten goede van schrijnende gevallen kan komen. De in het Convenant geïdentificeerde projecten werden bij voorrang in behandeling genomen.
Tot slot schetste het reglement de afhandeling van ‘vortexschade’, fysieke schade aan gebouwen (bijvoorbeeld aan daken of glas) als gevolg van windhozen door overvliegende vliegtuigen. Voor deze schade kende de Stichting een versimpelde procedure: omwonenden dienden een telefoonnummer te bellen, waarna de Stichting zo spoedig mogelijk de herstelwerkzaamheden deed uitvoeren. Het budget was afkomstig uit de financiering vanuit Schiphol ten behoeve van de schrijnende gevallen;50 in het verleden werd deze schade direct afgehandeld door Schiphol.51
Volgens het Convenant en reglement was de Stichting een bestuursorgaan.52 Voor besluiten van het bestuur golden daarom de reguliere bezwaar- en beroepsprocedure van zes weken uit de Awb. In aanvulling op de Awb kende het reglement een mogelijkheid tot mediation tijdens de bezwaarfase.53 Via een hardheidsclausule kon het bestuur tegemoetkomen aan enige onbillijkheden.
De eerste aanvragen werden vanaf 2010 afgehandeld en verwerkt.54 Tijdens de eerste tranche werden vijf gebiedsgerichte projecten door de Stichting ondersteund.55 Deze projecten waren reeds in beeld bij het opstellen van de convenanten maar vroegen veel voorbereidend werk zoals ruimtelijke ordeningsprocedures. Slechts een project was al in voorbereiding en werd in 2014, voor de start van de tweede tranche, voltooid.56 De overige projecten liepen vertraging op en werden (soms in aangepaste vorm57 voltooid in 2016, 2018 en 2020.58
Van de 85 individuen die tijdens de eerste tranche waren geïdentificeerd en aangeschreven, hebben 51 een aanvraag ingediend. Hiervan werden 36 aanvragen afgewezen en slechts vijftien aanvragen toegekend. Volgens het bestuur en de raad van toezicht was het Bestemmingsreglement ‘juridisch knellend’59 waardoor weinig aanvragen konden worden toegekend. De toegekende aanvragen zagen op het aanbrengen van isolatie, hulp bij verkoop van een woning, en – via de hardheidsclausule – financiële compensatie voor mensen die hun woning aantoonbaar met verlies hadden verkocht. De afgewezen aanvragen bestonden hoofdzakelijk uit verzoeken tot (verdere) isolatie binnen de tijdens GIS-2 en GIS-3 geïsoleerde geluidszones.60 Begin 2014 besloot het bestuur van de Stichting het bestemmingsreglement te wijzigen zodat ook reeds geïsoleerde woningen, of woningen die geïsoleerd hadden kunnen worden via Progis, onder de werking van de Stichting zouden vallen.61 Door deze wijziging deden 37 van de 48 bekende probleemsituaties een nieuwe aanvraag.62 Op vrijwel alle (her-)ingediende aanvragen besliste de Stichting positief, waardoor tot en met medio 2016 nog ruim 25 woningen werden geïsoleerd en een tiental huurders en kopers werd geholpen met verhuizen.63
Van 2010 tot 2013 werd bij 92 woningen vortexschade verholpen. De Stichting besloot hiernaast om bij 328 woningen dakpannen (preventief) vast te laten zetten. De kosten liepen hierdoor flink op: in totaal werd in de eerste tranche zo’n € 750.000 uitgekeerd vanuit de bijdrage van € 10 miljoen vanuit Schiphol voor schrijnende gevallen.64
Status van Stichting Leefomgeving Schiphol als bestuursorgaan
Hoewel in het Convenant65 en het Bestemmingsreglement66 werd aangegeven dat de Awb van toepassing was op besluitvorming door het bestuur van de Stichting, bleek dit niet juist. De bestuursrechter verklaarde zich onbevoegd te oordelen over een afgewezen aanvraag, omdat het bestuur niet kon worden aangemerkt als bestuursorgaan.67 De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State scherpte met haar uitspraak de jurisprudentie over de zogenaamde b-organen aan.68 De Stichting was niet krachtens publiekrecht ingesteld en voerde geen wettelijke overheidstaak uit. Hiernaast voldeed de Stichting niet aan criteria voor bijzondere gevallen waardoor alsnog sprake kon zijn van een bestuursorgaan.
Het bestuur van de Stichting stelde dat twee derde van hun geld afkomstig was van een overheid – € 10 miljoen van het Rijk voor de gebiedsgerichte projecten en € 10 miljoen van de Provincie Noord-Holland voor beide uitkeringsmogelijkheden – en dat de criteria waren vastgesteld door de partijen aan de Alderstafel, waar overheden ruim in de meerderheid waren. De Afdeling oordeelde echter dat hiermee niet aan de vereisten voor een bestuursorgaan was voldaan. Zij schetste een inhoudelijk vereiste – de inhoudelijke criteria voor het verstrekken van geld moeten in beslissende mate worden bepaald door een bestuursorgaan – en een financieel vereiste – de financiering moet in overwegende mate, dat wil zeggen voor twee derde of meer, afkomstig zijn van een bestuursorgaan. Omdat de private partijen bij het convenant (Schiphol en KLM) uit eigen beweging bij het convenant waren betrokken en een gelijkwaardige positie hadden ten opzichte van betrokken bestuursorganen, hadden de publieke partijen niet in beslissende mate de inhoud van het convenant of bestemmingsreglement beïnvloed. Daarmee voldeed het bestuur van de Stichting niet aan het inhoudelijk vereiste, en was de zaak in principe klaar, maar omwille van de rechtsvorming behandelde de Afdeling ook het financiële vereiste. In het Convenant was vastgelegd dat Schiphol € 10 miljoen voor schrijnende gevallen betaalde, en de € 10 miljoen van de provincie kon worden verdeeld tussen schrijnende gevallen en gebiedsgerichte projecten. Maximaal de helft van de uitkeringen aan schrijnende gevallen zou daarmee afkomstig zijn van een bestuursorgaan. Daarmee voldeed de Stichting ook niet aan het financiële vereiste. De conclusie van de Afdeling was aldus dat het bestuur van de Stichting niet kon worden aangemerkt als een bestuursorgaan, waardoor de bepalingen uit de Awb niet voor haar golden en geen beroep kon worden ingesteld bij de bestuursrechter.69 Dit betekende dat bewoners een afgewezen aanvraag of een anderszins onwelgevallig besluit van de Stichting dienden aan te vechten bij de civiele rechter.
Naar aanleiding van de uitspraak van de Afdeling paste de Stichting haar bestemmingsreglement aan zodat minder bestuursrechtelijke terminologie werd gehanteerd. Zij vormde de bezwaarschriftencommissie om tot klachtencommissie.70
Tweede tranche
In 2013 besloot de Alderstafel in haar evaluatie van de leefbaarheidsmaatregelen dat een tweede tranche met een vergelijkbare opzet ‘een belangrijke impuls voor de inpassing van de luchthaven in zijn omgeving’71 zou vormen. Vanwege vertraging in de projecten begon de tweede tranche in 2016, na wijziging van het bestemmingsreglement. 72 Het budget voor de tweede tranche was gelijk aan dat van de eerste tranche. De Stichting beoogde om € 8 miljoen aan individueel gedupeerden, € 15 miljoen aan gebiedsgerichte projecten, en € 7 miljoen aan projecten rond sociale cohesie te besteden.73 Vanuit het budget voor individueel gedupeerden werd wederom tevens vortexschade hersteld via dezelfde werkwijze als gedurende de eerste tranche.74
De Stichting wilde in navolging van de evaluatie via haar gebiedsgerichte projecten niet alleen ruimtelijke projecten ondersteunen, maar ook projecten of activiteiten ten behoeve van de sociale cohesie bevorderen, zoals onderwijs, cultuur en arbeidsmarkt; projecten dienden ‘niet bij steen alleen’ te blijven en een (blijvende) functie voor de lokale gemeenschap te vervullen.75 Hiernaast richtte de Stichting zich op meer kleinschalige projecten, mede vanwege het lange tijdsverloop van eerdere projecten.76 Naast gemeenten konden nu ook stichtingen en verenigingen aanvragen indienen.77 De Stichting probeerde het geld goed te verdelen over de Schipholregio en hield daarom rekening met eerder verdeelde gelden.78 Daarnaast hanteerde zij een gewijzigde aanvraagprocedure. Zij bracht eerst de zwaarst belaste gebieden in beeld en poogde via gesprekken met gemeenten, bewoners en maatschappelijke organisaties met bottom-up projecten te komen in een gebiedsprogramma.79 Concrete aanvragen konden worden ingediend van november 2017 tot en met december 2020. De Stichting kon aanvragen zo afzonderlijk beoordelen en tegelijkertijd het overzicht behouden van de mogelijke initiatieven en het beoogde gebiedsbudget.80 Hiernaast introduceerde de Stichting in 2018 een Initiatievenfonds waarmee zij kleine (maximaal € 10.000) initiatieven van particulieren, lokale verenigingen of stichtingen kon ondersteunen, zoals buurtbussen, speeltoestellen, bewegings- en integratieprogramma’s. Zij reserveerde hiervoor € 600.000.81 Het verzorgingsgebied van dit Initiatevenfonds werd in 2019 uitgebreid.82
Medio 2017 begon de Stichting verkennende gesprekken met gemeenten en organiseerde zij gebiedsbijeenkomsten.83 In januari 2018 maakte zij op een feestelijke bijeenkomst voor participanten gebiedsprogramma’s en bijbehorende budgetten bekend.84 De eerste kleinere projecten werden dat jaar afgerond.85 Verschillende projecten rond herstel of nieuwbouw van voornamelijk groenvoorzieningen, dorpshuizen en culturele en educatieve centra liepen vanaf 2019; de Stichting kende als eis dat voor december 2020 werd gestart met realisatie.86 De Stichting ondersteunde aanvragers bij de ontwikkeling en realisatie van de projecten.87 Het budget bestond uit zo’n € 26,6 miljoen,88 wat eind 2020 was verdeeld.89 Vanaf 2018 werd € 600.000 van dit budget gealloceerd aan het Initiatievenfonds. Tot en met 2019 was ongeveer een derde van dat fonds besteed aan zo’n dertig initiatieven.90
Voor individueel gedupeerden hanteerde de Stichting tevens een gewijzigde aanpak, in navolging van de evaluatie waarin ‘behoefte aan een meer ombudsman-achtige en minder de juridische benadering’91 was gebleken. De Stichting wilde op basis van subjectieve individuele omstandigheden van de verzoekers kunnen oordelen. Zij creëerde in het bestemmingsreglement daarom een breder instrumentarium: (bij-)isoleren, uitkopen of een verhuisvergoeding bieden, of maatschappelijke, medische of financiële specialisten inzetten ter ondersteuning.92 De uitkeringen bleven in principe in natura; er werden ‘alleen geldelijke uitkeringen verstrekt, indien die zijn gekoppeld aan een tegenprestatie die het probleem daadwerkelijk oplost. Dit is dus geen geldelijke compensatie (‘verzachten van de pijn’).’93 In beginsel bleven de toetsingscriteria hetzelfde, maar het bestuur wenste de omstandigheden per geval en in cumulatie te willen bekijken en desnoods de hardheidsclausule in te zetten.94 Tevens werkte men met een open aanvraagmogelijkheid in plaats van de limitatieve lijst uit de eerste tranche.95 De administratieve bijdrage werd vastgesteld op € 50.
De Stichting ontving in 2017-2019 jaarlijks ongeveer 40 aanvragen van individuele gedupeerden. Ruim de helft hiervan werd toegekend. De afgewezen aanvragen voldeden niet aan de toetsingscriteria: de woningen lagen buiten de 20 Ke-contour, er was sprake van voorzienbaarheid, of de geluidsbelasting lag onder de norm die door de Stichting werd gehanteerd.96 Het bestuur besloot in april 2018 het beoordelingskader te verruimen en aanvragen uit een bredere contour in behandeling te nemen. Vier afgewezen aanvragen werden hierdoor alsnog gehonoreerd.97 Hiernaast nuanceerde men het criterium van voorzienbaarheid enigszins.98 In 2019 introduceerde het bestuur de ‘zelfverkooppremie’ waardoor drie gedupeerden een uitkering tot aan het maximale isolatiebedrag uit het bestemmingsreglement (€ 50.00099) ontvingen als vergoeding voor gemaakte kosten bij verkoop.100 Aan reparaties van vortexschade werd in de tweede tranche tot eind 2019 ruim € 325.000 uitgegeven.101
De tweede tranche liep, gelijk met de Aldersakkoorden, tot eind 2020.102 Vanwege de langere tijdshorizon van gebiedsgerichte projecten vond oplevering van deze projecten ook na deze deadline plaats, hoewel geen nieuwe aanvragen konden worden gedaan. De Stichting heeft aangekondigd minstens tot 2022 door te gaan met haar resterende budget voor individuele gedupeerden en het Initiatievenfonds, en hiernaast onderzoeken op gebied van innovatie en technologische ontwikkelingen in het kader van het verbeteren van leefbaarheid te willen ondersteunen.103 Zo droeg de Stichting vanaf medio 2021 bij aan een pilot om geluidsoverlast binnenshuis via noise cancellation technologie te verminderen.104 Voor de verdere toekomst richten partijen zich op een (nieuw?) omgevingsfonds; aan Schiphol is gevraagd een ‘concreet voorstel’ te doen voor een fonds dat ‘hulp [kan] bieden aan mensen of gebieden met ernstige hinder.’105
Alternatieve leefbaarheidsfondsen
Eind 1994 lanceerde Schiphol de Stichting Schipholfonds, dat projecten steunde ‘van collectief belang van cultuur, sport en welzijn in de directe omgeving van de luchthaven.’106 Het budget was afkomstig van de luchthaven en behelsde aanvankelijk een miljoen gulden, jaarlijks geïndexeerd voor de procentuele groei van passagiers om aan te tonen dat ‘lief en leed’ werden gedeeld.107 De Stichting werd ook wel aangeduid als ‘burenfonds’,108 ‘verantwoord ondernemen’,109 of ‘compensatiefonds’.110 Het bestuur van de Stichting keerde op basis van ingediende plannen uit aan culturele, maatschappelijke en sportieve instellingen.111 Het werkgebied werd uitgebreid naarmate de vliegroutes werden aangepast en de overlast zich verspreidde.112 Vanaf 2012 richtte het fonds zich enkel op sport en bewegen.113 Het fonds is anno 2021 nog actief; zij stemt achter de schermen af met Stichting Leefomgeving Schiphol als aanvragen in het werkgebied van de andere partij liggen.114
Eind 1996 richtte de luchthaven samen met de provincie Noord-Holland en de gemeente Haarlemmermeer tevens de Stichting Mainport en Groen op met als doel ‘de kwaliteit van de leefomgeving’115 te verbeteren via groen- en natuurvoorzieningen. De werkzaamheden van de Stichting vormden onderdeel van het project rond de Polderbaan.116 Het budget was afkomstig van de luchthaven zelf en het ministerie van VROM117 en werd besteed aan aanleg van parken, bossen en fietspaden in de omgeving van Schiphol.118 Op de grondgebieden van de Stichting werden in samenspraak met het Schadeschap geluidribbels aangebracht in een poging de geluidsoverlast van het grondlawaai te verminderen.119 De Stichting werd in 2014 geliquideerd, nadat de plannen voor vergroening en recreatieve ontwikkeling waren voltooid;120 in totaal werd € 128 miljoen uitgegeven.121