Einde inhoudsopgave
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/6.3.1
6.3.1 Inleiding
mr. P.H.M. Broere, datum 12-05-2022
- Datum
12-05-2022
- Auteur
mr. P.H.M. Broere
- JCDI
JCDI:ADS652206:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Overigens kan een concernenquête ook worden gelast naar een concern van andere rechtspersonen, zoals bijv. in OK 30 mei 2011, JOR 2011/219, m.nt. S.M. Bartman (Meavita).
Zie voor een overzicht van de hoogte van het (initiële) onderzoeksbudget in concernenquêtes in de periode 2002 – medio 2019 nog Jager 2019, p. 359-361.
Gelet op het grondbeginsel van een behoorlijke motivering, zoals af te leiden uit o.m. art. 6 EVRM; art. 30 Rv, waarover bijv. Asser/Vranken Algemeen deel** 1995/227 e.v.; Asser Procesrecht/Giesen 1 2015/443 e.v.; Asser Procesrecht/Korthals Altes & Groen 7 2015/181 e.v.; Snijders, Klaassen & Meijer 2017/40.
Op een enkele uitzondering na, bij financieringsonmacht, zie bijv. OK 28 februari 2017, ARO 2017/77 (Celebration).
Gelast de Ondernemingskamer een enquête naar een concern van vennootschappen,1 dan dient de vraag zich aan wie van die vennootschappen de kosten van de enquêteprocedure dient te financieren, en in welke mate.2 De wettelijke regeling van het enquêterecht voorziet niet in de concernenquête,3 en regelt dan ook niet de financiering daarvan. De Ondernemingskamer neemt veel vrijheid bij de verdeling van de kosten van de enquêteprocedure over concernvennootschappen. Zij motiveert die verdeling doorgaans – naar mijn mening ten onrechte4 – niet.5
Ik onderscheid hierna vijf wijzen van verdeling van de kosten van het onderzoek in concernenquêtes: de verdeling van de kosten van het onderzoek over verschillende concernvennootschappen (par. 6.3.2), de verplichting tot financiering van de kosten van het onderzoek door het concern (par. 6.3.3), de hoofdelijke verplichting tot financiering van de kosten van het onderzoek voor verschillende concernvennootschappen (par. 6.3.4), de verplichting tot financiering van de kosten van het onderzoek door de moedervennootschap (par. 6.3.5), en – een buitencategorie – de verplichting tot financiering van de kosten van het onderzoek door de enquêteverzoeker (par. 6.3.6). Op een vergelijkbare wijze verdeelt de Ondernemingskamer de beloning van OK-functionarissen over concernvennootschappen. Hierover handelt par. 6.3.7.